Motel Mozaique, dag 1- vrijdag 10 april

Virginia Wing **
Mister & Mississippi **1/2
BRNS ****
Alamo Race Track ****
The Districts ***
Briqueville ****
Bad Breeding ***

Motel Mozaique! Voor het eerst in jáááren (Scissor Sisters, wanneer was dat?) weer eens op pad in Rotterdam. Want: leuk programma, goede vrienden, goede sfeer, en weer even wat anders.

Het begint hier nogal rustig. Festival is niet uitverkocht, we staan niet in de rij voor een bandje, hamburger is ook zo gepiept. Maakt dat we nog wat rap-clichés kunnen meepikken van de vervanger van de uitgevallen Dazzled Sticks. Of het verder iets was weet ik niet.

Virginia Wing speelt in de hal van de schouwburg een vrij voorspelbare mix van elektronische psychedelica met dromerige zang. Niet heel slecht, maar de aandacht wordt zeer afgeleid door de bassist, die met zijn zeldzaam tragische uitstraling het focuspunt vormt van het totale gebrek aan charisma van de band – en gek genoeg geeft dat dan wel weet iets eigens. Maar verder is dit niet erg gedenkwaardig.

We verwachten meer van Mister & Mississipi. Het begint allemaal wat vlak, maar met het derde nummer durft de band heel verstild te zijn en daarmee komt wat meer klik met het (gek genoeg niet erg talrijke) publiek. Met het prachtige Where the wild things grow houden ze dit vast, al blijft in de navolgende nummers het gevoel knagen dat hier veel meer in zit. We horen wat postrock-gitaarexperimenten, maar ook het beperkte bereik van zangeres Maxime Barlag. Het komt allemaal niet echt goed los.

In de Gouvernestraat – een prachtige zaal en voormalig filmhuis – treffen wij BRNS, een nieuwe aanwinst uit België. En wat voor één! BRNS is een héél fijne band, beetje als Alt-J, maar met de ingewikkelde instrumentatie van Radiohead. Het klinkt ogenschijnlijk als toegankelijke pop, maar het blijkt alternatief, duister en aangrijpend. Met razend complexe maten en instrumentvoering wordt een indrukwekkend spannende set opgebouwd. Echt heel erg goed dit, met bovendien een hoog charisma. dit zien wij graag!

Het wordt een stuk drukker in de Gouvernestraat als blijkt dat verderop in de schouwburg Ibeyi, de hoofdact van de avond, wegens keelontsteking heeft moeten afzeggen. Op zoek naar een alternatief is men hier aan het goede adres bij Alamo Race Track. ART gaat al jaren mee, met geringe productiviteit qua albums, maar intussen speelden ze wel prachtig mee met Conny Janssen Danst. Dat stuwde de band al tot grote hoogte en inmiddels is Alamo Race Track misschien wel de beste band van Nederland geworden. Ze spelen een ijzersterke set met oud en nieuw materiaal, bevlogen, ondoorgrondelijk en muzikaal minutieus. Dit is haast hoe Arcade Fire zou klinken zonder de bombast, maar met de volle, gelaagde rijkdom aan geluiden. Aan het eind lijkt men af en toe wat aan concentratie te verliezen, maar heren toch dat is helemaal niet nodig! De ogenschijnlijke uitdunning van het publiek bestaat slechts uit de tienermeisjes die in het kroegdeel laten weten een stel godenzonen te hadden verwacht. In uiterlijk is Alamo Race Track dat inderdaad niet meer, maar muzikaal toch wel degelijk.

Even een paar nummers meepikken bij The Districts in het toch verrassend kleine Rotown, waar het dan ook stampvol is. Districts probeert het grootse van de hedendasgse popmuziek in zich te verenigen, inclusief galm, pathos, en hier en daar wat goed gemikte verstilde momenten. Heel degelijk allemaal, maar je vraagt je wel af waar het eigene van de band is.

Dan for something completely different met Briqueville. Hier wordt een pot met ultrazware doom voorgeschoteld waarvan je ingewanden bange steun bij elkaar zoeken. Tergend traag sleept Briqueville ons mee in een eindeloze trip naar hun onderwereld. Om de capes en vogelmaskers kun je lacherig doen, maar het maakt dit alles ook tot een soort metaltheater van Dante’s hel. We dalen steeds dieper af, we treffen alles aan wat Jeroen Bosch niet eens durfde fantaseren. Damn! Wat een belevenis!

Dat de mannen van Briqueville écht niet herkend willen worden blijkt later als ze zelfs bij het inladen van het busje nog hun maskers op houden, maar veel mensen zullen ze niet hebben gezien want ook hier was het met nog geen honderd man publiek opvallend rustig, zoals eigenlijk al de hele avond. MM15 is duidelijk niet uitverkocht, dat is toch wel zonde van zo’n mooi festival.

Bad Breeding, dat is betonpunk van het meest klassieke soort, maar dan zonder de hanenkammen. Denk Exploited en vooral GBH. Zanger Christopher Dodd stuitert zwaar bezopen op en van het podium, maar slaagt er wonderwel nog goed in om zijn bijtende teksten meedogenloos het publiek in te slingeren. Kruipend over het podium krijgt hij af en toe een corrigerend trap van de gitarist, waarna hij er weer hard in vliegt. Het hedendaagse publiek is wat tammer dan in de gouden tijden van de punk, want hier geen moshpit maar slechts wat goedbedoelde aanmoedigingen. Dat is natuurlijk niks voor een band als Bad Breeding en na zanger Dodd begeeft dan ook de gitarist zich in het publiek, waar hij uiteindelijk verstrikt in zijn snoeren en liggend ondersteboven uitgeput en bezopen tegen een paal op beland. Zo doe je dat!

  

Advertenties
1 reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s