Plaat van het jaar 2015

De plaat-van-het-jaar lijstjes vliegen je al vanaf eind november om de oren, de song van het jaar 2015 is al een paar weken geleden bepaald, de boekhoudingen zijn al gesloten en het jaar lijkt al ten einde, maar ik rek het nog even totdat er echt niks anders meer binnenkomt dan kerstplaten – ok, dit excuus is ook wel ingegeven door algemene eindejaarsdrukte in het reguliere werk. Hoe dan ook: als ook ik terug kijk op de albums van 2015 zie ik een heel mooi jaar met een aantal prachtige platen, die nog wel een flinke tijd zullen meegaan. Het valt ook niet mee om er een al te strikte volgorde in aan te brengen, dus dat doe ik dan ook niet, al is de bovenste plaat ook echt wel nummer één voor mij. Zie hier mijn overzicht.

Julia Holter – Have you in my wildernessjulia-holter-have-you-in-my-wilderness
Na alle mooie platen die ze in de afgelopen jaren al maakte, lijken dat ineens vooral voorstudies voor meesterwerk Have You in My Wilderness. Holter leverde een plaat van bedrieglijke toegankelijkheid, die bij elke luisterbeurt meer detail en finesse ontvouwt. Ik heb dit inmiddels al tientallen malen gehoord en nog steeds wordt het elke keer mooier, rijker, aangrijpender en pakkender. Je ontdekt steeds nieuwe lagen en perspectieven. Julia Holter heeft hier een echt zeldzaam mooie plaat gemaakt, waar echt alle nummers indruk wekken, niet altijd direct, maar onontkoombaar steeds meer. Dit is geen plaat voor kortstondige verliefdheid, maar voor een lange liefde. Ik kan me niet voorstellen dat ik dit ooit niet meer draai.

GD30OBH5.pdf

Other Lives – Rituals
Dit is zo’n plaat die al sinds verschijnen met grote regelmaat mijn oren masseert, vanwege het vermogen om dat op de achtergrond te doen, maar ook bij intensief luisteren. Rituals is een instant indieklassieker, beter nog dan voorganger Tamer Animals – en dat was al niet misselijk. Rituals is haast barok in rijkdom, maar altijd strak gedoseerd, zonder te vervallen in bombast, de valkuil van een band als Arcade Fire. Other Lives biedt echt muzikale rijkdom, getuige ook het uitstekende optreden afgelopen november. Meteen al met Fair Weather hoor je het volle gedetailleerde geluid, een nummer als Reconfiguration is een soort van doordacht naturel, English Summer is een tijdloze klassieker, en Easy Way Out hoort in ieders songlijstjes. Plaat met eeuwigheidswaarde.

Alamo Race Track – HawksHawks-packshot
Nog zo’n Nederlandse plaat van begin van dit jaar is de vierde van Alamo Race Track. Dit is geen heel productieve band, maar oh my berg je maar als er van de Groningse Amsterdammers weer nieuw werk verschijnt. Hawks is een plaat van een verbluffende schoonheid. Niet die verblindende schoonheid zoals van Jolene, maar een schoonheid vol van butsen en doorleefdheid, die de onderliggende pracht soms lijkt te verbergen, maar die er onmiskenbaar doorheen schijnt. Hawks koestert daarmee het leven: “It’s bad luck, but brighten up”, zingt Ralph Mulder met enigszins moeilijke stem. Hawks staat vol prachtige nummers, eerste nummer Young Spruce and Wire is meteen al een hoogtepunt, Safe House ontroert tot tranen toe, titelnummer Hawks is een ode aan jeugd en natuur, “You can still be young at heart”. Misschien is het de naderende midlifecrisis, maar ik denk dat ik deze plaat nog heel veel langer met mij mee draag.

ShaileshBahoran2_ConnyJanssiET – Inside Out
In tegenstelling tot de meeste andere albums in deze lijst vind je deze geweldige plaat van iET in andere lijstjes niet of nauwelijks terug. En dat is toch jammer (maar ook niet heel verbazingwekkend, iET ziet het zelf niet eens als album maar meer als nevenproject). Inside Out is feitelijk de soundtrack bij de gelijknamige voorstelling van Conny Janssen Danst, waar jazzy singer-songwriter iET de muziek voor componeerde. Dat levert niet alleen een prachtige dansvoorstelling op, maar ook een zeer luisterwaardige plaat. Voorganger So Unreal kreeg al lovende reacties, maar met Inside Out overstijgt iET zichzelf. Deze plaat is grotendeels instrumenteel, met stem hooguit als extra instrument, en ook veel minder herkenbare nummers. iET gaat met gitaar, toetsen en cello van langzaam opgebouwde drone tot nummers die amper van soundscapes te onderscheiden zijn, en weer terug. De boog blijft continu gespannen. Dat is primair heel functioneel voor de dansvoorstelling, over de rol van het individu in de complexiteit van een massa, maar ook zonder de voorstelling weet deze plaat de spanning van het thema te vatten. Heel knap.

Courtney Barnett – Sometimes I sit and think, sometimes I just sitCournetbarnett
De Australische Courtney Barnett brengt met deze plaat slacker zoals het moet maar zoals je zelden hoort, want zo makkelijk is het niet om lamlendigheid te vermijden ten gunste van een heerlijk wakkere spontaniteit. Barnett levert een parel van een album vol hoogtepunten, met prachtige, achteloze teksten in spraakzang vol poëzie van de frustraties van en verwondering over het dagelijks leven. Een plaat zo op het eerste gehoor zonder grootse ambitie die toch ineens de tijdgeest op de hielen trapt. En dat klinkt ook nog eens geweldig.

Circuit des Yeux – In plain speechCircuit-des-Yeux-In-Plain-Speech-Cover-392-1600
Eén van de vreemdste en tegelijk meest fascinerende platen van het jaar is In Plain Speech van Circuit des Yeux. In Plain Speech is wat je noemt een moeilijke plaat. Frontvrouw Haley Fohr klinkt in de verte als Antony van de Johnsons, terwijl de muziek in de verte ook doet denken aan Dirty Three, aan These New Puritans, of wellicht zelfs aan de Velvet Underground. Lastig te pakken, je moet het dus ondergaan. Fantasize the scene is bij oppervlakkige beluistering ‘gewoon’ een mooi folknummer, maar intussen zuigt het je steeds verder naar binnen in een bevreemdend universum. Waar brengt dit mij? Dream of TV is haast noise, live zelfs lastig verteerbaar, maar op de plaat brengt het juist een contrapunt tussen de andere nummers. Het is haast een medidatieve plaat, stelt Pitchfork, maar dan wel een medidatie op grond van lang opgebouwde spanningsbogen in plaats van als relaxte achtergrondmuziek. In Plain Speech moet je zeer bewust tot je nemen, en het is wellicht dat bewustzijn waar Pitchfork op doelt. Ja, zeer fascinerende plaat.

Disappears – Irealdisappears-irreal-cover_1421760478
Al in het begin van het jaar was daar plotseling een schurende plaat van Disappears met texturen vol spannende postpunk. Je kan het nauwelijks nog nummers noemen, het is meer een postapocalyptische industriële soundtrack vanuit een duistere wereld ver weg. “I want to remember”… dit is geen plaat voor een feestje. Titels als Irreal en Navigating the Void geven een donker beeld, de betere wereld van Halcyon Days is long gone. Deze sonische soundscapes zich niettemin ook goed voor minder duistere interpretaties, zoals we konden horen in de dubexperimenten met Adrian Sherwood. Een plaat die je bij blijft.

Deerhunter – Fading FrontierDeerhunter
Fading Frontier past goed in de al bestaande collectie wonderschone platen van Deerhunter, maar dit is toch wel de meest toegankelijke tot nu toe. Dit is een plaat vol radiovriendelijke indie, vol mooie nummers van Brandon Cox en zijn band, nergens gaat het experiment met de band aan de haal en dat is voor Deerhunter niet verkeerd, want de grootste valkuil van de band is dat ze zich verliest in oeverloos gedoe. Je zou kunnen zeggen dat deze plaat helemaal af is, waarbij Snakeskin haast (bij wijze van spreken) hitpotentie heeft, Ad Astra een sfeervol, haast ambient, contrapunt geeft, voor de prachtige afsluiter Carrion. Cox bezingt zijn zorgen, zijn ziekte en vooral zijn zingeving, waardoor Deerhunter haast rust lijkt te hebben gevonden. Dat moet niet te gek worden natuurlijk, maar op deze plaat valt het allemaal uitstekend op zijn plek.

The Black Heart Rebellion – People, when you see the smoke, do not think it is fields they’re burning TBHR
Ja, hier houdt Darth Faber van, duistere darkfolk. The Black Heart Rebellion heeft niet de gejaagde waanzin van een Dave Eugene Edwards, maar meer de mysterieuze duisternis van de eerste platen van Kiss the Anus of a Black Cat, eveneens uit Gent. Nummers worden geduldig opgebouwd, soms met samenzang, met invloeden uit gothic, doom, soms zelfs postrock en tribal ritmes. De duisternis gaat nooit helemaal weg, maar een nummer als Violent Love laat toch zeker flarden licht en zelfs hoop door. Het levert wel een plaat op die zich moeilijk van van de platenspeler laat verwijderen.

LamarKendrick Lamar – To Pimp a Butterfly
Al vroeg in het jaar verscheen daar plots To Pimp a Butterfly van Kendrick Lamar. Lamar valt wat buiten mijn reguliere scope voor muziek, maar hier ontvouwt zich toch volgens alle denkbare criteria een zeer geniale plaat. Kendrick Lamar is op deze plaat zeer persoonlijk en tegelijk vol intelligente maatschappijkritiek (duh), en dat verbindt hij tot een haast literaire verhandeling. Bovendien is hij ook muzikaal een fenomenale verbinder. Kamasi Washington brengt jazz, 2Pac brengt in oude opname hiphop, de plaat zit boordevol soul, het rockt, het funkt, en Lamar maakt er een volstrekt natuurlijk geheel van. Wow. Het kan haast niet, maar deze complexe plaat bestaat wel. Zoals 3voor12 in een indrukwekkende verhandeling stelt: “Ze zeggen wel eens dat de popmuziek op zijn einde loopt, dat alles wel gezegd en gedaan is. Dit album bewijst dat het niet zo is.” En zo is het.

Dat zijn er tien. Omdat het nu eenmaal zo gaat met lijstjes. Dan zijn er altijd nog de platen die dit lijstje net niet halen. Het onderscheid tussen 10 of 11 is natuurlijk volstrekt arbitrair en in deze tijd van het jaar benadruk ik graag vredig dat het écht niet uitmaakt of een plaat 7 of 12 staat. Maar goed, een lijstje is een lijstje. Wat past er dan nog meer bij?

Altijd van hoog niveau is Godspeed You! Black Emperor, dit jaar met Asunder, Sweet and Other Distress, een duistere, haast apocalyptische plaat, indrukwekkend op het podium ook. Zeer noemenswaardig is b’lieve i’m going down van Kurt Vile, een plaat vol heerlijk lome nummers, die glans krijgen door een glasheldere productie. Ook zeker niet misselijk is Mutilator Defeated at Last van Thee O Sees, niet in het minst door (weer) een verpletterend optreden tijdens LGW in Pandora, afgelopen mei. Verder: Broeder Dieleman kwam afgelopen november met Uut de Bron, dat veel meer dan de voorgaande plaat vol mooie liedjes één lang document voor Zeeuws Vlaanderen is. Tonnie zingt, maar we horen ook minutenlange gesprekken van Zeeuwse vissers, we horen lange akoestische drones, het is al met al een plaat die nog heel vaak geluisterd moet worden en dan waarschijnlijk tot meesterwerk betiteld gaat worden. Erg mooi.

Ten slotte, omdat 2015 dus echt een heel goed jaar is: genres zijn in vele opzichten ontwricht en herijkt. Kendrick Lamar is al genoemd: hiphop zal niet meer hetzelfde zijn ná Lamar. Ook elders zagen we de zegenende catharsis. Uit ons eigen Utrecht kwam Terzij de Horde na een jaar of acht eindelijk met hun debuut, Self, waarmee meteen het speelveld van de blackmetal opnieuw werd gedefinieerd. Verdomd, ook dit wat vergeten genre kan intelligent en zelfs met gevoel worden gebracht! Heel erg goede plaat. Muziaal van totaal andere orde maar in vele andere opzichten vergelijkbaar is Epic van Kamasi Washington: eveneens een debuutplaat, maar dan wel een vierdubbelalbum van drie (!) uur lang, en vooral: ook een album dat de randen van het veld neerzet, in dit geval van de jazz. Beide grensverleggende mijlpalen, derhalve.

En dan vergeet ik vast nog vele andere. Reageer vooral, ik ben ook wel benieuwd naar je eigen lijstjes. Zie (ter inspiratie) onderstaand ook andere serieus ten nemen lijstjes.

– 3voor12: http://3voor12.vpro.nl/nieuws/2015/Jaaroverzicht/3voor12-kiest-Kendrick-Lamar-als-album-van-het-jaar.html
– Kicking the Habit komt binnenkort met de lijst van de lezers
– Via Album of the Year vind je de geaggregeerde top zoveel, plus linkjes naar enorm veel andere 2015 jaarlijstjes.
– Rough Trade: http://www.roughtrade.com/aoty15
– Ook leuk: 69 Excellent Indie Records You May Have Missed In 2015: http://www.buzzfeed.com/perpetua/indie-records-you-may-have-missed-in-2015#.xeqNGYYGo

PS Het valt op dat pakweg de eerste vijftig platen overal wel ongeveer hetzelfde zijn, maar dat er toch grote verschillen zijn in de volgorde. Dat is anders dan vorig jaar, toen overal War on Drugs, Spoon en Sun Kil Moon hoog eindigden. Dus: 2015 goed jaar, met minder uitgesproken pieken. Laat ik maar concluderen dat het over de hele linie dan behoorlijk goed was!

PPS Ter relativering van dit alles, zie de Guardian: “End-of-year poll winners should cherish the moment – it might not last” – http://www.theguardian.com/music/musicblog/2015/dec/21/end-of-year-poll-winners-history-pop-music

Advertenties
5 reacties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: