Sólstafir – De Helling, Utrecht, 17 juni 2017

Eerst even een stukje context. Sólstafir ontdekte ik een paar jaar geleden op Eurosonic, met een verpletterend goede show in Vera. Dat had alles te maken met het geweldige album Otta, hun vijfde al, waarmee ze een prachtige brug sloegen tussen metal, postrock en de mystiek die IJsland blijkbaar eigen is. Een paar maanden later zag ik ze weer, nu op Into the Void in Leeuwarden, maar dat was een heel stuk minder. Er was pretentie en bombast in de band geslopen, die het bovendien moest doen met een ontwrichte ritmesectie vanwege de met ruzie weggestuurde drummer. Onlangs kwam dan het vervolg op Otta uit, Berdreyminn, met hier en daar lovende recensies, maar ik vind het vooral nogal wisselvallig. Ergo: zonder al te hoog gespannen verwachtingen dan toch maar naar De Helling vanavond, wetende wat er mogelijk is maar ook wetende dat er geen garanties zijn bij Sólstafir.

Mijn bedenkingen raken verder verduisterd door Gold, een voorprogramma van zgn. female-fronted metal. Dat is geen feest. De zangeres heeft een beperkt vocaal bereik en de gitaristen staan continu in pose te headbangen. Dat alles verzuipt in een brei van geluid waar je oorpijn van krijgt. Nog maar even buiten aan het bier dan.

Sólstafir zet bij wijze van intro Nàttfari op, het laatste nummer van de allereerste plaat, en vangt dan aan met Silfur-Refur, het prachtige eerste nummer van de laatste plaat. Het wordt snel duidelijk dat al mijn bedenkingen de prullebak in kunnen. Sólstafir speelt uiterst geconcentreerd en bevlogen. Het volgende nummer is meteen Otta, ingezet met een prominente banjo voor het eerste melodieuze stuk. Dit is atmosferisch geniaal, versterkt door het prachtige licht en het wonderbaarlijk herstelde zaalgeluid.

Dat zaalgeluid legt vrij veel nadruk op de zang en dat is niet het sterkste element van Sólstafir. Dat wringt bij een aantal van de nieuwe nummers en is waarschijnlijk ook de kern van mijn bedenking bij de nieuwe plaat: Addi wil dan teveel vertellen, terwijl het verhaal van Sólstafir naar mijn gevoel juist vooral zit in de mystieke suggestie van de muziek, opgezet door uitgekiende vertragingen en lange spanningsbogen.

20170617_223843

Deze gedachten worden echter direct de grond in geboord door de introductie van Addi, waar hij volle aandacht van het publiek voor nodig heeft en tot stilte maant. Terwijl bassist Halldór rustig op een flightcase gaat zitten vertelt Addi met nauwelijks verholen emotie van een goede vriend die tien jaar geleden depressief zelfmoord pleegde. Volgt een verpletterend mooie versie van Necrologue.

Alleen dit is al genoeg voor een prachtige avond, maar Sólstafir in bloedvorm doet er nog vele scheppen bovenop. Prijsnummer Fjara komt langs, en daarnaast vooral nummers van de (toch ok vrij wisselvallige) plaat Köld uit 2009, terwijl van de nieuwe plaat misschien maar drie of vier nummers nummers worden gespeeld. Dat is toch wel opmerkelijk voor deze Berdreyminn-tour, maar mij hoor je niet klagen. Het laatste nummer is Goddess of the Ages, ook van Köld, tien minuten waarin Sólstafir nog eens alles uit de kast trekt. Addi staat hoog voor op het podium, haast in trance, hij speelt gitaar op zijn knieën, hij komt de zaal in en omhelst een vrouw die hij nooit meer los lijkt te willen laten. Als ik het zo opschrijf klinkt het pathetisch, vol van bombast uit de truckendoos, maar vanavond was Sólstafir perfect in balans, zeven kwartier lang. Uitmuntend goed optreden.

IMG-20170618-WA0003

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: