archiveren

festivals

Darth Faber heeft het in de komende maanden even veel te druk met vele andere dingen die ook geschreven moeten worden. Ik ga wel naar concerten en zal af en toe een fotootje, een tweetje of een superkort verslagje plaatsen, maar daar moet je het voorlopig even mee doen. 

 

Van Onderen

Helemaal geweldig, 24 uur underground in Paradiso, met tachtig bands ongeveer. Verslag voert te ver, ik heb ook teveel gemist.

Zie wel onderstaand tweetje en de discussie die daarop volgt:

Leuk interviewtje van Nieuwsuur met Ruben Braeken (gitarist van Apneu, Katadreuffe, Paralympics, Gleist en een nummertje bij Hallo Venray): http://binnenland.eenvandaag.nl/radio-items/71411/gitarist_speelt_in_5_bands_op_n_dag

En algemene opmerkingen:

  • Van Onderen is een prachtige aanwinst in het festivallandschap van Nederland. Dit is een feest der muziek, niet van de muziekindustrie.
  • The Ex was weer geweldig!! Nog steeds de vaandeldrager van de Nederlandse underground.
  • Fire Harvest is de beste band van Utrecht.
  • Lekker stevige ontdekking: Toner Low. Check dat voor de betere ultrazware doom.

 

imag3097

 

 

Incubate is een fijnproeversfestival van grote waarde, na veel gedoe in 2016 opgesplitst in vier kleinere, maar nog altijd tweedaagse festivals in Tilburg. Darth Faber wil elke keer wel, maar met goede en slechte excuses komt het er telkens maar niet van. Gelukkig hebben we dan nog Wookiee Alex Chewbacca, goeroe der underground films en groot kenner van dito bands. Dat hebben we nodig! Zie hier verslag.

Na jaren van overlap met het BUT Film Festival zie eindelijk kans om INCUBATE te bezoeken. Het festival is in 2016 om budget redenen over vier edities uitgesmeerd. De Condor Gruppe eert de artiest Moondog met een korte hommage. Te kort, de nog net gehoorde slotakkoorden herinneren om in het vervolg op tijd te komen bij het strak georganiseerde festival.

OHHMS past maar net op het kleine podium van de leukste kroeg van Nederland: Little Devil. De gedrongen Engelse botsen telkens tegen elkaar op, maar laten zich niet ervan weerhouden om een fijne, afwisselende brok stoner-doom neer te zetten.

Yokokola is een vertrouwd geluid uit Rotterdam, maar weet te verrassen met een psychedelische wave-achtige act. De in donker glitter-grijs gehulde Sidhi was toe aan iets anders dan punk, het Tilburgse publiek wil er nog niet aan, en de Rotterdamse fanbase ontbreekt. De sfeerloze V39 zaal helpt ook niet, met de op een gemeentelijk zwembad lijkende ingang. Menige Friese zuipkeet heeft betere verlichting.

Snel door naar Oathbreaker, op Studio Brussel veel gedraaid. Even door de krappe Extase langs de PA worstelen (heb je nu werkelijk 300 knopjes op een rij nodig?) voor het heftige black metal geluid. Soms krijsend, dan weer kristalhelder zingend komt Caro Tanghe boven de fijne dreun uit. Denk niet aan Within Temptation, maar aan de straffe Belgische metal van de afgelopen jaren.

De beer is los, en het kan niet anders of Oozing Wound maakt het feestje compleet. De driemans formatie uit Detroit maakt snelle trash met een vleugje garage punk en speelt met een vrolijke set de zaal volgens de letter plat. Een gedrongen opgesteld drumstel, zodat je nog sneller kan drummen, een bassist met een klein, licht basje, dat hij als een gitaar bespeelt. Topper, een van de leukste optredens van het bijna afgelopen jaar! Voor de sneue thuisblijver is het nummer Welcome to the Spaceship, Motherfucker enig soelaas.

Vroeg naar het nest, een heel mooi opgeknapt AIRBNB pand met een alleraardigste verhuurster, die ook vrijwilliger is bij het festival, en wel de grootste Nick Cave fan van NL moet zijn.

De tweede dag begint vroeg met maffe Belgische 3((0)),((0))((0))((0)) M((O))nkies, een soort parodie op Sunn O))), en niet alleen door de haakjes in de bandnaam. Het is een droneproject van de noiseband 30,000 Monkies. Zes dreunende gitaren, zes in gekleurde, op teletubbies lijkende monnikspijen gehulde mafkezen, die de verplichte rookmachine hebben ingeruild voor een confetti-kanon.

Serieuzer stoner-werk brengt het Groningse Menhir. Fijne dreun, al kan de zanger/gitarist zichzelf telkens niet horen, en klinkt af en toe verkeerd.

Wat volgt is zowel lachwekkend, als zielig te noemen, de enige flater van het voor de rest kundig geprogrammeerde festival: Sariola. Bij het eerste nummer krullen de teennagels al de verkeerde kant op. Een zangeres die werkelijk helemaal niks kan – wanhopig krijsend en gillend, na een nummer al buiten adem, met een amateuristische band. Zouden ze zichzelf niet zo serieus nemen (het zijn Duitsers), mochten ze wel op de BUT optreden, maar deze act hoort niet thuis op INCUBATE, met hun opplak kostuums van nepbont. Snel weg, op na Turia, in een adem genoemd met het fraaie Terzij de Horde (waarom zijn die er niet?).

Na de kleine zalen is het nu tijd voor 013, voor Thaw, die de kunst verstaan om een zaal van 6.000 kuub te vullen met nare drone en galm. Lekker.

Absu brengt luide death metal, in de tot Dudok omgebouwde kerk. De Heer is ruimdenkend tegenwoordig, muzikale duivelsaanbidding brengt verlossing.

Eigenlijk was alles tot nu toe opwarming voor het langverwachte Year of No Light, een Franse band met een indrukwekkende line-up: twee gitaren, twee bassen, twee drumstellen, een podium vol elektronica en een replica van de Chinese muur aan versterkers en monitors (Marshall en Orange). Knetterhard edoch gevoelig op elkaar afgestemd weet dit 60 minuten kippenvel te bezorgen en ontroering dankzij de uitstekend gecomponeerde, lange nummers. Fabuleux!

Tussendoor terug naar de kerk, God knijpt alweer een oogje toe bij Possessed, death metal grondleggers. IJzersterk en met een zwaar, metalen geluid dat naamgevend is voor, wel… heavy metal/death. Zeer goed!

Ook langverwacht en veelbeluisterd is het Japanse Boris, speciaal ingevlogen om hun baanbrekende album Pink geheel te vertolken. Door rechtlijnige metalfans als niet stijlvast gezien, zijn ze een vreemde eend in de bijt, ergens tussen metal en arty noise in. Ze weten een fantastisch podiumbeeld neer te zetten: roze-blauw gekleurde rook, met op de voorgrond raggende, in het zwart gehulde Japanse muzikanten. Hun mix van hardrock, metal, drone en zelfs shoegaze is niet voor iedereen, maar ik ben toch wel zwaar onder de indruk.

Belphegor ziet eruit als black metal (corpsepaint) maar het klinkt meer death-achtig en is als tiende band op een dag net niet bijzonder genoeg. Met laatste kracht weet ik mij daarna nogmaals naar Little Devil te slepen, voor de Zweedse death Sorcery, en voor de afterparty.

Op weg naar huis langs alle locaties besef ik hoe leuk Tilburg als rockstad is: elke straathoek heeft wel een kroeg met podium en een uitgebreide kaart betaalbaar speciaal bier. Hopelijk was dit niet de laatste editie van het in zwaar weer verkerende festival.

Andere verslagen:

  • Uitstekend verslag van Opduvel voor de zaterdag en de zondag.
  • 3voor12 Tilburg was er natuurlijk ook bij, met blogs van de zaterdag en de zondag.

Laatste dag… the reckoning. De lange veldslag van gisteren, de inspanningen van de dagen ervoor, de leeftijd, het weer, de conditie, voldoende reden om deze zondag maar eens rustig aan te beginnen.

imag2554Dat kan goed bij het festival van The Ex, zowaar in de Hertz zaal. The Ex is schouwburgfähig geworden! The Ex is in een show van liefst vier uur een soort extra curator van deze LGW. Ik kom met mijn bekertje koffie binnen als Arnold de Boer net de vloer geeft aan Kat en nog een drummer voor een bizar complex stuk duodrummen voor zeer gevorderden. Dit is indrukwekkende shit! Daarna is het de beurt aan Zerfu Demissie, één van de vele Ethiopische vrienden van The Ex. Hij bespeelt de begana, een mooi, oeroud en ook bijzonder vaag instrument dat klinkt als iemand die met elastiekjes zit te prutsen, maar wat wordt afgekondigd als the harp of king David. Dan is het tijd voor good old Han Bennink, die met een stukje percussie begeleiding geeft aan Lena Hessels, de dochter van Ex-gitarist Terrie, die een liedje zingt.

Mooi moment om verder te trekken door het nog rustige gebouw. In de Ronda zitten twee duistere figuren op het podium, terwijl ze zeer, zeer diepe gutterale klanken uitstoten. Dit is Phurpa uit Rusland. Dit is volslagen next level metafysica, in een oeroude traditie van rituele mantras. Het klinkt als een traditional versie van Sunn O))) en is fascinerend om te zien. De mannen zien er uit als sjamanen in een diepe trance. Er gebeurt ogenschijnlijk maar weinig, af en toe beweegt de rechtermonnik, Alexei Tegin, bezwerend met een botje. Soms worden instrumenten beroerd, zoals de vier meter lange toeter (die vast niet zo heet), of een schelle klankschaal. Intussen ligt iedereen in de zaal lekker op kussens te luisteren. Dit zijn oerklanken van ver voor de geschiedenis begon.

IMAG2595.jpg

Dit alles duurt zowat twee uur en dat is wel wat veel van het goede. Bij het Ex-festival staat Terrie intussen een soort van avant garde jazz te doen met een saxofonist. Dit is niet zo mijn ding. Later komt de Franse band Api Uiz op, die meer Ex klinkt dan The Ex zelf. In een kleine ronde opstelling, met de gitarist met de rug naar het publiek, wordt er lekker hoekig op losgeragd. Dit is een band om te onthouden!

Daarna gaat het even mis in de planning, want als ik naar Anna von Hauswolff wil blijkt de zaal echt ramvol, geen doorkomen meer aan. Dit is knap klote, zeker als ik later hoor hoe geweldig het was. Intussen verdoe ik mijn tijd bij Marching Church, waarschijnlijk de grootste kutband die ooit op een LGW-podium stond. Het is de band van Elias Bender Ronnenfelt, die hier eerder al de boel verneukte met Iceage. Ronnenfelt doet alsof hij rockgod nummer één is, zuipt wijn uit een fles en zwiert onsamenhangend over het podium. De band is niet veel beter, dit klinkt rommeliger dan een gemiddelde schoolband. Als dan ook nog eens Luv met greatest dancer wordt ingezet is voor mij de maat wel vol. En nu heb ik hier al veel teveel woorden aan vuil gemaakt.

Zo staan we wel mooi op tijd klaar voor de Swans, het lieftallige bandje van Michael Gira. Die heeft besloten dat Tivoli tot de fundamenten moet worden afgebroken. Het eerste nummer duurt 40 minuten (!) en gaat genadeloos hard. Het is niettemin een subtiele orkestratie, met tergend langzame maar o zo effectieve opbouw. Het tweede nummer is een intermezzootje van tien minuten, maar daarna gaat het opnieuw heel hard, terwijl Gira met zijn armen omhoog de band en de zaal bezweert in deze sacrale mis van de extreem harde muziek. Ik mis wel het glockenspiel van Thor, dat twee jaar terug zoveel extra kleur gaf aan de Swans. Daardoor wordt het nu soms wat eentonig, waardoor af en toe gelegenheid ontstaat om de gedachten te laten afdwalen. Maar hey, dit is gezeik op de vierkante milimeter, want bottomline is dat de Swans LGW hier effectief verpletteren. En dat was het dan: de allerlaatste keer Swans. Ze stoppen er binnenkort mee, moe en klaar.

imag2638-2

Het blijkt ook inspirerend voor SUUNS, die hebben bedacht dat het bij hen dan ook wel knetterhard moet kunnen. Dat kan en het past wonderwel bij de industrial artrock van SUUNS. Achter de band wordt gauw een drie meter hoog ‘SUUNS’-opblaasding neergezet voor de start van misschien wel het beste optreden van deze LGW-editie. Op majestueus volume maar met loepzuiver geluid valt alles perfect op zijn plek, alsof SUUNS nog weer diepere lagen aan weet te boren. Al bij het tweede nummer, 2020, gaat de zaal helemaal uit zijn plaat. Brian Case, van de band Disappears en ook solo op het festivalaffiche, doet ook nog een nummertje mee. Als het afgelopen is heb ik het knagende gevoel dat ze veel te kort hebben gespeeld, maar ik weet het zeker: dit was het beste van deze LGW.

imag2744

Helemaal op het eind doet Junun in de grote zaal niettemin nog een hele goede poging om dit alles te overtreffen. Junun is een samenwerkingsproject van de Indiase Rajastan Express, van de Israëlische componist Shye Ben Tzur en van Radiohead-gitarist Jonny Greenwood. Jonny is altijd wel in voor een experimentje, vorig jaar deed hij ook al een uitstapje met de London Contemporary Orchestra, maar dit is wel weer even heel andere koek. De Rajastan Express is een zwaar swingend collectief, vooral de blazers jagen de dansende meute steeds verder aan. Het heeft de power van klezmer, ongetwijfeld via de hand van Ben Tzur, en de mystieke kracht van Nusrat’s qawalli. Jonny Greenwood blijft een beetje op de achtergrond, wisselt wat tussen bas en gitaar. Ben Tzur speelt op de voorgrond gitaar en een soort van dwarsfluit. De vrolijke Rajastan Express bestaat uit pakweg tien blazers en percussionisten, allemaal met mooie blauwe tulband en grotendeels met mooie snor. Dit is een gedroomde afsluiter van Le Guess Who, een superieure multiculturele mix op basis van volstrekte gelijkwaardigheid en een totaal uniek geluid. Le Guess Who in één band gevangen.

imag2760

Zo zit deze tiende editie er weer op. Het was weer een rijk festival, vol mooie diamanten. Een kritisch nootje moet ook kunnen. Ik vind dat de balans in het gecureer wat te ver is doorgeslagen. Daardoor zien we enerzijds toch wel veel grote LGW-namen, dus veel bands die hier (soms al meerdere keren) eerder stonden. Dat zijn natuurlijk niet de minste, en zoiets als SUUNS kan ik niet vaak genoeg zien, maar echt verrassend is het niet. Aan de andere kant is dit gevoel ook voor een groot deel mijn eigen schuld, want ik heb zelf ook nogal op safe gespeeld in mijn route langs de podia.

Eindconclusie is dus hetzelfde als de vorige jaren: Le Guess Who blijft op eenzaam hoog niveau het allerbeste festival ter wereld. Het ticket voor volgend jaar is dus al weer in de pocket.

Voor aanvang van de zaterdag Le Guess Who is het goed om er een beetje in te komen met imag2022een rondje Mini Who. Ik pik er twee mee. Eerst The Fire Harvest in Acu. De band bestaat al een tijdje, maar ik had ze totnogtoe gemist. The Fire Harvest speelt lange, uitgebalanceerde nummers in wat de hokjesman zou kunnen omschrijven als darkfolk of slowcore. Het is een beetje de opgepluste versie van Homemade Empire, zou je ook kunnen zeggen. The Fire Harvest speelt ingetogen, dreigend en soms haast desperaat, telkens weer naar mineur. Hier houdt Darth Faber van! The Fire Harvest heeft overduidelijk al heel wat meters op de podia gemaakt, ze spelen probleemloos door het slechte geluid heen. Echt heel erg fijne band dit, de plaat staat al de hele zondag op.

imag2026Daarna even kijken bij Kanipchen Fit in Tilt. Ik heb ze al wel een tijdje op de radar maar ik had ze nog niet eerder gezien. De zangeres smijt in een uur meer energie in de strijd dan Bert Visscher in een heel seizoen. Tilt is gek genoeg maar half gevuld, maar de aanwezige helft ziet hier wel een straf goede set stuiternoise. Triviantje is dat de gitarist niemand minder is dan Empee, in vroeger tijden bij de onweerstaanbaar goede band LUL. Kanipchen Fit heeft ook die hang naar complexe en uitgekiend moeilijke nummers. Heel erg fijn!

Zo zijn we lekker opgewarmd, maar aanvang van het officiële programma met Circuit des Yeux in de Janskerk moet nog even worden uitgesteld, omdat de kerk zowaar vol zit. Amen! Dan maar even snel thuis eten en daarna in de herstart naar Black Mountain. De Canadezen spelen een lekkere retro time warp rock uit 1970. Hele fijne nummers met een op zijn zachtst gezegd nogal statische performance. Zangeres Amber oogt nu eenmaal altijd wat verlegen, ze moet het hebben van haar prachtige stem en niet van een dwingende presentatie. Black Mountain is vooral goed in het contrast tussen lekkere orgelrock en de meer verstilde momenten. Maar na pakweg vijf nummers krijg je wel het gevoel dat het op repeat staat.

imag2032

In de grote zaal treedt Julia Holter aan, die enorm begint te rommelen met de papieren op de standaard voor haar. Dat blijft een beetje de sfeer van dit optreden, het is rommelig en zonder veel bezieling. Julia straalt altijd wel iets lethargisch uit, alsof ze het laatste optreden van een hele zware tour doet, maar vandaag is het wel erg overheersend. Dan helpt ook de engelmooie stem van Julia niet meer. Dat komt misschien ook door een aantal nieuwe nummers, die nog ijler en esoterischer zijn. Het is prachtig nieuw werk, voor de soundtrack van Bleed for this, maar hier op het podium is het vooral saai. Zonde, want Julia kan echt veel beter. Grappig genoeg vond 3v12 het een hoogtepunt van het festival.

imag2093

imag2104-2Naar de Ronda dan maar weer, voor Dinosaur jr., inmiddels een toepasselijke naam voor de bijna-bejaarde oerfuzzers. Hier staat voor eeuwen aan jeugdsentiment in de zaal voor de oude helden. J Mascis en zijn kameraden staan voor een enorme bak versterkers, maar gek genoeg gaat het niet zo hard als wel zou kunnen. Na een paar nummers wordt steeds duidelijker dat er wel meer niet zo hard gaat als wel zou kunnen, en dan gaat het vooral om J zelf. Het speelt wel maar er zit weinig puf in. Lou Barlow staat weliswaar goed hard te bassen, maar vooral bij J staat het heilige vuur op de waakvlam. Dat hebben we vaker gezien. Na een half uurtje komen er een drummer en gitarist bij, wat wel wat aanvullende power geeft, maar het is niet echt de locomotief die dit optreden nodig heeft. Dinosaur jr. speelt niet echt slecht, maar ze laten wel heel erg veel liggen. Voordat mijn eigen jeugdsentiment in gruis ligt maak ik me snel uit de voeten. Ik heb geen zin in een afgang van mijn helden.

imag2158Geen idee of het in de tweede helft nog wat is geworden, want toen stond ik al in de grote zaal bij niemand minder dan Elza Soares, de grande dame van de Braziliaanse samba. Wát een setting is dit! Mevrouw Soares zit hoog op een troon in een meterslange jurk, als een koningin die haar dienaren toe zingt. Wow! Elza Soares is al 79, ze heeft een leven achter zich alsof ze 150 is (getrouwd geweest met Garrincha, nou dan weet je het wel). Elza Soares heeft het geniale plan gehad om voor haar laatste plaat, A Mulher do Fim do Mundo, begeleidingsmuzikanten te zoeken uit de avant-garde/punk scene van São Paolo. Met briljant resultaat. In de setting hier staat de band in een halve kring van lakeien rond de koningin. Er is hier maar één middelpunt, de rest is dienaar. Elza heerst met een heerlijke pot samba sujo, die eerlijk gezegd wel vooral van de band komt, want Elza zelf oogt en klinkt broos. Voor mij staat het vol met hardcore fans, zo te horen spreekt iedereen Portugees. Er komt op gegeven moment een vreemde energieke zanger langs, die doet alsof hij inbreekt in het concert, maar nadat hij dwingend is toegezongen door de machtige Elza vleit hij zich zacht op haar jurk neer. Dit is ongelooflijk mooi. Als de tranen in de ogen schieten weet je dat het legendarisch is. Dit is zo’n concert waarvan je over decennia nog weet dat je er bij was.

 

Zo is de avond meer dan gered, even bijkomen met bitterballen in het Gegeven Paard. The Ex pik ik morgen wel mee. Nu eerst naar het ook best legendarische Digable Planets. Jaren niet gespeeld, maar rond 1990 stevig in de frontlinie met een uitgekiende mix van hiphop en jazz. Die ambachtelijkheid zien we hier ook, met vijf man muzikanten, twee rappers en een mooie zangeres. Eén van de rapmannen heeft een vreemd soort kapje op, maar veel belangrijker is de prachtig mooie flow die ze hier op de mat leggen. Geen muziekstijl heeft meer te maken met ikeaniveau rotzooi dan de hiphop (uitgezonderd misschien de hardrock), dus dan is het goed om te zien dat er toch nog op hoog niveau prachtig werk wordt gemaakt. Top dit!

imag2294

En omdat ik alles vreet ga ik nog even door de regen naar de Helling voor Ufomammut. Vorig jaar per slot van rekening mijn concert van het jaar. De Italianen staan weer godsgruwelijk hard te gaan als ik binnenkom. Dit is precies waar ik nu behoefte aan heb! Allejezus, wat een volume, wat een brute sludge. De gitarist heeft een geinig Funn O))) T-shirt, valt er ook nog wat te lachen. Ufomammut is technisch heel erg goed, maar vooral superieur in de energieke performance. De visuals zijn vaag en ontwrichtend, maar half zichtbaar in de rook. Het is unheimisch goed. Ik zie ze nu voor de derde keer, maar ik heb er nog lang geen genoeg van. Plaat kopen om thuis de boel ook nog even op stelten te zetten, maar dan is het toch op voor mij, na een behoorlijk lange LGW-dag. Morgen laatste etappe.

imag2398

Na de proloog van gisteren verdubbelt vandaag het schema in het programmaboekje. De keuzes worden steeds lastiger, de fietstochtjes intensiever, en meer dan eens zal ik bands maar ten dele mee kunnen pikken. Tusen pakweg 9 en 12 zie ik al 9 bands staan die ik echt niet mag missen, maar het kan niet, het past niet. Het zijn de eeuwige dilemma’s van een festival met zoveel goede bands, je mist meer dan dat je ziet. En dan zul je ook nog zien dat eenmaal gemaakte keuzes gefnuikt worden door een volle zaal en een lange rij.

Dat is, kortom, de context van de avond. En dat zijn bij uitstek de omstandigheden dat een goede voorbereiding vruchten afwerpt. We beginnen maar eens rustig met Nap Eyes, een ogenschijnlijk nog piepjonge band uit Canada, de bakermat van de gedachte van dit festival (want uit Canada komen alleen maar goede bands, behalve natuurlijk Brian Adams en Céline Dion, die ook weer een link heeft met Zwitserland, maar goed, nu dwalen we af). Nap Eyes is een fijn bandje in het hoekje van Ultimate Painting en onze eigen Naive Set. De zanger oogt ook nog eens als een jonge Henk Koorn – maar dat is een contradictio, want Henk is eeuwig jong. Niettemin (want we dwalen weer af): Nap Eyes speelt met simpele middelen, een niet al te zuivere gitaar, een drummer die er wel eens naast zit, een zanger die eigenlijk eens langs een stemtrainer zou moeten, en toch is het een effectieve band. Dat zit ‘m in de uitgekiende opbouw, in de manier waarop de ontstemde gitaar heel bewust een plekje krijgt, en vooral in de ontwapenende pretentieloosheid van deze band. Heerlijke verhaaltjes, gewoon van jou tot mij.

imag1801

Dan denk ik nog even aan te schuiven voor Bo Ningen, maar vandaag is behoorlijk veel drukker dan gisteren en verdomd er staat gewoon een rij! Wat nu? Ik krijg signalen dat hier een goddelijke rockshow gaande is, maar ik kom er niet in. Snel verder dan maar.

Ik verpoos een tijdje bij Jherek Bischoff, een Oosteuropees klinkende maar zeer Amerikaanse figuur in maatpak met een kamerorkestje in de Hertz. Het zit ook daar behoorlijk vol. Want wat zien we hier? Bischoff vertelt een mooi verhaal over zijn jeugd op een boot op de Stille Oceaan, waar je ’s nachts sterren ziet zoals je nergens anders ziet, als een koepel over je heen. En als de oceaan dan stil en vlak is, dan weerkaatst het licht van de sterrenkoepel zich in het water en dan drijf je als het ware in een universum van lichtjes. Dat gevoel wordt gevangen in een rustig strijkersliedje, gedirigeerd door Bischoff. Het doet me in eerste instantie wat denken aan de ambient van Moby met Underwater, maar dat zal de bedoeling niet zijn. Bischoff schuift op gegeven moment naar zijn piano en elektriekdingetje voor aanvullende drone en pianoklanken. Dat geeft prachtige extra lagen, een soort postrock voor klassieke kamermuziek. Fascinerend.

imag1811

In de Ronda dan voor Beak>. Dit komt uit Bristol en dan weet je al op voorhand wel ongeveer hoe de soep gegeten wordt. Beak> heeft een wat statische opstelling op lijn, met links op gitaar en synths Will Young, in het midden zittend Billy Fuller op bas, en rechts op drums Geoff Barrow. Dat zijn geen kleine jongens: Barrow zit ook in Portishead en Fuller baste ooit bij Robert Plant, om maar even wat credentials te geven. Beak> klinkt soms haast wave, maar gooit er ook flink wat spacy krautbeats in. Man, die baslijnen! “It’s our first show in ages” zegt Barrow, maar het is retestrak hoor. Fijn ook dat we de band kunnen zien, dat is ook wel eens anders geweest. De mannen hebben geweldig veel lol op het podium, 1,2,3,4, aftellen in de mic vol echo, lachen man. Deze mag snel weer terugkomen in Utrecht!
imag1815
Omdat er ook bands ontdekt moeten worden fiets ik even naar de Janskerk voor King Creosote, een Schotse singer-songwriter die eigenlijk Kenny Anderson heet. Voor mij een ontdekking, maar hij speelt al jaren en refereert zelfs dat zijn laatste concert in Utrecht in 1991 was. Hij heeft al tientallen albums uitgebracht, maar zijn laatste plaat, Astronaut meets Appleman, is een bijzonder aangenaam meesterwerkje, dankzij intelligente teksten en een prachtige warme stem. Die mooie stem galmt heerlijk door de maar half gevulde Janskerk. King Creosote oogt als een straatzanger die met zijn band een semi-akoestische set doet, met prachtig gedoseerde cello. De setting en de rust doen soms de gedachten even afdwalen, maar dan komt Wake up to this en dat is toch zo’n prachtig nummer, dan ben je meteen weer terug. Dit vind ik dus heel erg mooi.
imag1827
Maar LGW is een festival en gezien de eerdere rijen voel ik wel enige druk om op tijd bij Savages te zijn. Twee jaar geleden deden ze met Bo Ningen misschien wel het beste concert dat ik ooit zag, eerder dit jaar in de Melkweg was een overwinning. Zeker op een thuiswedstrijd als bij LGW, waar ze ook nog eens een hoop bevriende bands hebben mogen meenemen. Savages begint als vanouds een beetje stug, maar verdomme wat een overweldigende power staat hier weer. Beetje bij beetje zuigt Jenny Beth ons naar binnen, ze dirigeert en commandeert, totdat we dicht genoeg bij zijn om bij The Answer de Ronda allesverschroeiend in de hens te steken. Beth duikt het publiek in, ze staat op het publiek, ze bezweert het publiek, this is the festival that brings musicians and music lovers together, nou en of! Wat een perfectionisme, van band, van het licht en het geluid. Jenny is de baas, de nieuwe Ian Curtis is een vrouw, zei ik al eens eerder. Bij Hit me vliegen de stagedivers in het rond, bij Adore is het bewonderend stil, bij Fuckers gaat het dak er weer af. Savages is de beste liveband die er op dit moment bestaat. Wat een meesterlijke show.
imag2010-2Dan kan alles daarna alleen maar tegenvallen, maar we nemen toch het risico om in Ekko nog even Bambara te checken. Een risico is het zeker, want deze jongens uit New York willen uit alle macht klinken en doen als de vroege Cave, het lijkt hier verdorie wel een Birthday Party playback show. Als zodanig zou hij van Henny Huisman best een pluimpje krijgen, maar het ligt er wel al te dik bovenop. Het eigene van deze band komt niet echt naar boven, misschien is het er wel niet. De geluidsmix, die de zanger veel te ver naar achteren drukt, helpt ook niet echt. Bambara begint bovendien met een flinke dosis gemakzucht, totdat het na een paar nummers doordingt dat er wel degelijk gewerkt moet worden. Het wordt wat beter, maar blijkbaar toch niet naar voldoening, want na een goed half uur houden ze er al mee op, ruim voor tijd. Kunnen we toch nog op tijd naar huis, om op te laden voor de drukke twee dagen die nog komen.

Daar gaan we dan, de jubileumeditie van 10 jaar Le Guess Who! Allereerst natuurlijk gefeliciteerd met deze mijlpaal voor ’s werelds meest geweldige festival, gewoon bij mij voor de deur in Utrecht.

imag1781LGW is zo geweldig omdat het altijd om de muziek draait, en niet om randzaken als cocktails, keuken en camping. De artiest staat centraal en de muziekliefhebber is niet gereduceerd tot consument die door securitymensen in toom moet worden gehouden. Hier geen al te prominente radiostations vol selfkickers, maar een fenomenaal muziekprogramma vol ontwrichting, verwarring en verrassing. Mijn kaartje had ik dus al in da pocket voordat de vorige editie ten einde was, want dat ik toch weer zou gaan wist ik natuurlijk al lang.

Voor deze editie zijn niet minder dan vier curatoren gestrikt, nl. Wilco, Suuns, Savages en Julia Holter. Ik weet nooit zo goed wat dat cureren betekent voor mij als bezoeker. Ik neem aan dat deze artiesten met allerlei suggesties komen en dat Bob en Johan dat dan verder regelen. Dat klinkt als een kwestie voor de backoffice, dus wie wat cureert maakt mij niet echt uit. Maar goed, een festival zonder curator telt tegenwoordig niet meer mee, dus een festival met vier curatoren zal wel geweldig zijn. De programma’s van de curatoren zijn enigszins over de dagen verdeeld, en op deze eerste dag zien we vooral bands uit de hoge hoed van Wilco.

Te beginnen met Bassekou Kouyaté & Ngoni Ba. Een paar jaar geleden speelde hij al eens op Lowlands. Kouyaté komt uit Mali en speelt de ngoni, een traditioneel snaarinstrument dat iets weg heeft van een tot ukele verwerkte banjo, maar door Kouyaté wordt bespeeld alsof ie een rappe incarnatie van Mark Knopfler is. Hij gaat helemaal los, terwijl de ritmes van de kalebas haast tot trance leiden. Dit klinkt heel erg goed en de vonk slaat snel over naar het publiek. Terwijl buiten half Nederland nog in de file is het feest hier al helemaal los. De Ngoni Ba is vooral een familieband, zo blijkt als Kouyaté zijn neef, zijn broer en zijn vrouw voorstelt. Kouyaté zit vol charmtalk, als hij in hakkelend Engels uitlegt dat het volgende nummer traditioneel voor de king & queen is, maar “tonight that is you!” Dan volgt een werkelijk prachtig nummer, en amai wat een stem heeft mevrouw Kouyaté. imag1629-2

Steve Gunn is een stuk ingetogener. Het lijkt alsof hij er even een paar nummers in moet komen, hij oogt gespannen, of moe. De slideguitar in Way Out Weather klinkt nog melancholischer dan anders. “We should be happy to be here in Utrecht”, zegt Steve, maar laat in het midden wat er achter de overduidelijke “maar” komt. Natuurlijk, de band speelt heel erg goed, Gunn is een gitaarvirtuoos zonder weerga, hij speelt zoals elke kleine jongen dat ooit wilde kunnen, maar hij pakt het publiek niet in. Nu is hij daar ook niet het type voor, maar een paar jaar geleden vertaalde zijn natuurlijk afstandelijkheid zich in een lekker losse set. Nu zit de rem er op. Later wordt het duidelijk: hij is (terecht) zeer, zeer aangedaan door de winst van Trump in de VS. Het is een thema dat nog wel een paar keer terug zal komen deze editie van LGW. Het ontneemt Gunn nu nog de energie, maar dat komt ongetwijfeld terug with revenge.

imag1644-2

imag1673Lonnie Holley is de paradijsvogel van vanavond. Jazzy piano en ogenschijnlijk half geïmproviseerde en uiterst soulvol gebrachte teksten, over Cloud Nine in Utrecht. C9 is wel in voor een experiment, want muisstil. Dit is wel fascinerend. De piano blijkt ook een synth, vol met spacy geluiden, maar dankzij de warme stem van Lonnie blijft het allemaal mooi in balans. Wat een fijne ontdekking is dit! Thumbs up for Mother Universe!

Wilco is dan de hoofdact van vandaag, en feitelijk van het hele festival. Al tijdens de vorige editie van LGW werd bekend dat ze er deze editie bij zouden zijn, en dat is niet gek want programmeur Johan is hier dol op. Zelf waardeer ik het ook wel, zet het wel eens op, maar meer ook niet eigenlijk. Wilco staat vanavond ingeboekt voor een set van ruim 2,5 uur (!!), dat is voor mij wat teveel, maar het eerste half uur pik ik lekker mee. En ik zie dan wel dat hier een band verdomd geweldig staat te spelen. Ook Jeff Tweedy is de winst van Trump niet ontgaan, maar in tegenstelling tot bij Steve Gunn lijkt het Wilco te motiveren tot een absolute topset. De nummers worden mooi lang opgerekt. De priemkwartsmaat drum en de noise-explosie geven een mooi contrast aan de soms wat al te tamme harmonieën. Bij Wilco valt alles precies op zijn plek. Het licht is prachtig, het geluid messcherp. Wilco is zo’n band die zo goed is, die zo perfect speelt, dat saaiheid altijd enigszins op de loer ligt.

IMAG1688.jpg

Hoe indrukwekkend Wilco dus ook is, het is tijd voor ontwrichting. En dan is er geen betere band dan Deerhoof. Jippie! Deerhoof is een totaal ongrijpbare zappaëske melting pot van maniakale drum, stuiterende zang en hoekige, door de elektrieke mangel gehaalde rodeogitaren. We do parties, juist! Grappig dat het publiek hier gemiddeld zeker tien jaar jonger is dan bij Wilco. Deerhoof is een band die iedereen minstens eens in zijn leven gezien moet hebben, want uitleggen heeft geen zin. Dit past in geen enkel hokje en is dus als band precies de samenvatting van het gehele LGW-festival. Tussendoor komt drummer Greg even tot rust met een onnavolgbaar absurd introductiecollege drummen. En al deze prettige waanzin past nog in een retestrak plan ook. Ik hou van Deerhoof.

In Cloud Nine, helemaal bovenin, pakt Fennesz het totaal anders aan. Staand achter zijn onvermijdelijke Apple tovert hij mooie soundscapes, af en toe gelardeerd met zijn striemende gitaar. Ik had vandaag de oordoppen nog niet nodig, maar dit staat toch verrassend hard (al sta ik ook dicht op de boxen). Het is een mooie atmosferische set van een afstandelijke man in black.

Terug in Pandora is daar Wand, een nog steeds piepjonge band uit LA. Bij de LGW in Pandora, vorig jaar, vond ik het nog wat onbestemd en rommelig, maar inmiddels is de mix van fuzz en postpunk is veel strakker geworden. Wand is tegelijk ook wel veel toegankelijker geworden, de frontman toont charisma, en er zijn nauwelijks nog van die vreemde, hoekige noise explosies. Als podiumbeest is Wand is heel erg goed, maar qua nummers is het wel een beetje oppassen dat het niet té makkelijk wordt. Aan één Kings of Leon heeft de wereld wel genoeg.

IMAG1790 (2).jpg

Vietcong, pardon Preoccupations, speelt nog in De Helling, maar die omweg laten we voor wat het is. Met nog een lang weekend te gaan en met een slapeloze verkiezingsnacht van afgelopen dinsdag nog enigszins in het steeds strammere gestel moet er ook rust gepakt worden. En iedereen wil natuurlijk dit stukje lezen. Bij deze, vanavond verder. LGW is los met een zeer veelbelovende eerste dag!

Wie schrijft er nog meer?
– Kettingzaag: http://www.dekettingzaag.nl/girl-band-is-beste-band-wereld/
– 3voor12: http://3voor12.vpro.nl/nieuws/2016/Le-Guess-Who/Blog-donderdag-LGW.html

De tweede dag van Into the Void is bijzonder rijk gevuld en al vroeg op de middag staan de eerste bands paraat. Om nog wat ruimte te gunnen aan andere bezigheden kiezen we voor een wat latere start en we vangen rond borreltijd aan met Komatsu, stoomwalsrockers uit heavy Eindhoven. Komatsu klinkt Japans maar lijkt me vernoemd naar de fabrikant van zware grondwerkvoertuigen. De bassist gaat tekeer als een doorgedraaide houthakker. Komatsu blue collar rock met vuile sludge en zit daarmee in dezelfde hoek als Motörhead. De zanger klinkt ook steeds schorrer, dat past goed bij deze energiebom.

Komatsu

Long Distance Calling speelt in de grote zaal lange instrumentale nummers, zeg maar gerust composities. Het is snel duidelijk dat hier iets heel bijzonders gebeurt. De drie Duitsers spelen technisch ongelooflijk vaardig, progrock haast, inclusief ingewikkelde gitaarsolo’s. Dat is knap, maar bewonderenswaardig is dat de band er in slaagt om er oprechte bevlogenheid in te leggen, emotie haast. Dit is echt heel erg goed, eindelijk de prachtige ontdekking waar ik deze editie van Into the Void naar uit keek.

Long Distance Calling

Een soort van eerste hoofdact is vervolgens Monolord, met betonzware sludge in de beste traditie van Sleep en vooral Ufomammut (die hier vorig jaar de boel aan gort speelde). Met drie man wordt een verbluffend bruut volume vol trage sludge de zaal in gepompt. Zwaar is een understatement, dit is absoluut verpletterend. Beetje bij beetje wordt de Neushoorn getemd, tot er niks anders meer over is dan een universum vol geluid. En toch zit er ook wel subtiliteit in. Deze band weet donders goed wat ze doet en wordt geholpen door het uitstekende geluid in de zaal.

Monolord

Ik keek tevoren al zeer uit naar The Moth Gatherer, een postcoreband uit Zweden. De band zit vol ijzingwekkende angsten en frustraties, die verwerkt worden in een zware mix van emotioneel geladen metal en postrock. Het is zware kost, vol muzikale referenties aan een band als Deafheaven, en dat is zeer positief bedoeld. De drummer legt een retestrakke onderlaag waarop de gitaristen goed tekeer kunnen gaan. Moth Gatherer speelt voor het eerst in Nederland en naar mijn inschatting zeker niet voor het laatst, want ze maken flink indruk.

Moth Gatherer

De hoofdact van vanavond is Karma to Burn, maar ik geef de voorkeur aan Zaum, dat tegelijkertijd speelt in het café. Zaum is een razend interessante band uit Canada, met duistere, psychedelische doom uit de school van Sleep en vooral OM. De opstelling is er ook naar, met een donker podium vol met brandende kaarsen, als (niet te fotograferen) visuele omlijsting van alleen drummer Chris Lewis (met een verleden in Tool)en Kyle McDonald, een zeker 200kg zware bassist. Zaum heeft met Eidolon net een nieuwe plaat uit, met twee episch lange nummers (kant A en kant B) vol unheimische mantra’s. Zaum beoogt oeroude, haast religieuze thema’s in doomgeladen, hypnotische soundscapes over te brengen. Op het kleine podium in het café komt dat redelijk goed over, niet alleen door de visuele setting, maar ook door de nadruk op alleen de (vervormde) ritme-instrumenten drum en bas. Daarmee ontstaat een aangename trance, die af en toe explodeert in onheilspellende doommetal. Knap hoe twee man toch de dichtheid van de muziek op plaat hier weten over te brengen. Heel fijn optreden dit.

Monomyth

We kunnen natuurlijk niet om Monomyth heen. Een half jaar geleden bliezen ze ons in De Helling al omver en vanavond gebeurt feitelijk hetzelfde. Gestut door waanzinnig strakke drummotorik van Sander Evers is in feite alles mogelijk. Met technische spacerock en een zorgvuldig opgebouwde set stijgt Monomyth steeds verder op. De op volle toeren draaiende rookmachine helpt dan natuurlijk ook wel, ik begreep dat buiten de zaal zelfs het rookalarm afging. Binnen niks van gemerkt, daar ging onze trip hoger en hoger. Thomas van den Reydt is de laatste gitarist in Nederland die nog de dubbele hals bespeelt, het klinkt echt geweldig. Dit is een sublieme spacetrip. Ik zeg het nog maar een keer: Monomyth is misschien wel de beste liveband van Nederland.

Het is vervolgens even omschakelen naar Conan, die aan het begin van de Europese toer Utrecht al aandeden, maar die ik nu pas in Leeuwarden kan meepikken. Conan straalt in alles uit dat het hier met monumentaal volume de tent komt afbreken. Als we in de hoezen van de band al een wat Game of Thrones-achtige sfeer proeven, dan weten we ook op voorhand al wel dat de kans klein is dat iedereen dit overleeft. Mijn god, wat een bruut geluid van deze verpulverende mastodonten. Conan speelt fenomenale sludge, maar toch maakt het minder indruk dan eerder op de avond bij Monolord. Misschien heeft het te maken met het vreemde contrast tussen het monstrueuze volume en de schelle zang. Dat is wel even interessant, maar na een paar nummers wringt het wat. Niettemin: dit is bepaald geen kritiek, want Conan is een zeer waardige betonmachine op deze tweede avond van Into the Void.

We besluiten dat Tombstones hier niet meer overheen kan en sluiten deze editie van Into the Void af. Dag 2 was een heel stuk beter dan dag 1, met meer verrassing, meer variatie en algeheel een veel hoger niveau. Ik blijf dus een beetje bij mijn stelling dat Into the Void op één avond ook zou kunnen, met het beste van wat nu over twee avonden verspreid is.

Maar laten we niet zeuren, want uiteindelijk nooit een straf om een heel weekend Leeuwarden op zijn hardst te doen. Into the Void is immers waarschijnlijk wel het meest relaxte en gemoedelijke festival van Nederland. De sfeer is het hele weekend uitstekend. De bands spelen vrijwel allemaal op hun top, het geluid en licht zijn geweldig, en door de bank genomen is dit natuurlijk een heel fijne verzameling strakke underground bij elkaar.

Goede kans dat we er volgend jaar weer bij zijn.

Andere reviews:
Never Mind the Hype
3 voor 12 Fryslân