archiveren

Tagarchief: tivolivredenburg

Veel klassieker wordt een hardrockavond niet als Death Angel, Exodus en Testament op het programma staan. De grote Ronda is dan ook stijf uitverkocht, want hier staat bij elkaar toch ruim een eeuw aan metalervaring bij elkaar.

Zoals gebruikelijk bij dit soort concerten is de sfeer gemoedelijk, in een zaal voor negentig procent gevuld met mannen in hun beste heavy shirts. Zo te horen zijn er bussen vol bezoekers vanuit het oosten gearriveerd. Ik mis helaas Death Angel (met goede reden want hoera voor de verjaardag van oom Bertus!), vlak voor Exodus val ik binnen in met de intro Viva Hollandia. WTF? Die lolligheid is gelukkig snel voorbij, want Exodus wil vanavond graag laten horen dat ze nog niet afgeschreven zijn als een van de echt grote bands in de trashmetal. Dat is niet vanzelfsprekend, want tussen de pieken in de Exodus geschiedenis zitten ook vele dalen, maar gitarist Gary Holt is vanavond weer terug om de boel te stutten.

De zanger gaat er vol overgave voor. Hij is er niet vies van om de zaal lekker te laten meebrullen, maar hij levert ook, met zeker aan het begin van de set nog een opvallend goed bereik in de hoge regionen. Voortdurend wijzend zoekt hij contact in de zaal. Throw your horns in the air! roept hij en bij de volgende riff ontstaat een behoorlijke moshpit midden in de zaal. Aan de rand staat een blond meisje indrukwekkend koppig te headbangen, woest in haar eigen wereld, terwijl de pogo om haar heen beukt.

Soms klinkt het in de uitvoering wat rommelig, maar dat kun je ook lekker smerig noemen. Veel belangrijker is het warme onthaal van de zaal en de band is duidelijk heel blij met deze uitverkochte avond. Niks oldschool, de Bay Trash doet er nog toe!

Dat horen we des te meer bij Testament. Dit klinkt nog aanmerkelijk strakker. Testament is gezegend met zanger Chuck Billy, die zichzelf nog wel eens afleidt met wat luchtgitaarwerk, maar vooral indruk maakt met zijn behoorlijk verpletterende vocals. Als jonge zanger had hij een hoog bereik, maar als grote kerel is zijn stem veel dieper en gruiziger, en daarmee wordt Testament harder en beter. Tussendoor haalt hij achter een kopje thee om de keel te smeren en dat zal ook best helpen.

Al bij het eerste nummer worden T-shirts het publiek in gegooid. Gitarist Alex Skolnick geeft de ene na de andere schaamteloze gitaarsolo, liefst op de verhogingen voor op het podium. Het oogt super classic, maar het is ook gewoon wel heel erg goed. Wat ook helpt is het geweldige licht, de uitgekiende podiumopzet met de verhogingen, en de steeds wisselende backdrop. En hoor ik daar een cover van Soulfly?

Testament en Exodus komen hier vanavond niet om louter indruk te maken met wat klassieke gitaarsolo’s uit de catalogus van de afgelopen vier decennia, al geven ze met referenties naar Dynamo Open Air wel aan al een tijd mee te draaien. Maar ze leunen niet lui op die geschiedenis. Beide bands willen laten zien dat ze er na al die tijd nog steeds toe doen. Ze spelen vol overgave, het nieuwere werk doet bovendien niet onder voor de klassiekers. En dat is allemaal heel goed om te zien. Hardrock lives!

Vorig jaar begon TivoliVredenburg het nieuwe Footprints festival, een kruisbestuiving tussen traditioneel en modern, tussen dichtbij en ver weg. Dit jaar dus de tweede editie, met een intrigerende line-up. Zo’n festival van één dag is ook wel fijn, dus alle reden om een middag en een avond lekker door het gebouw te dwalen, op zoek naar het muzikale avontuur.

Deze tweede editie is niet uitverkocht, maar wie er is komt wel op tijd, tot opluchting van Yīn Yīn, die het festival aftrappen en snel na aanvang de zaal lekker vol zien lopen. Dat motiveert tot een hele lekkere set vol mooie Oosterse psychpop uit Maastricht. De band speelt technisch retestrak, af en toe mis je wat gruizigheid en richting, maar daar staan lekkere funky lijntjes tegenover en al voor de vier op de klok staat wordt er voorin de zaal lekker gedanst.

20200208_154320 (2)

Footprints is er voor het muzikale avontuur, maar het is dus zeker ook een fijn dagje op stap voor young hipsters. De sfeer is uitstekend, al slaat het nog wel eens door in oeverloos geouwehoer overal om me heen. Maar ach, vandaag ben ik zelf ook niet helemaal onschuldig. In de programmering van het festival zit wel veel avontuur, maar niet echt veel samenhang, we cruisen wat willekeurig maar vrolijk door het programma.

De Afghaanse zangeres Elaha Soroor wordt begeleid door Kefaya, samengekomen in Londen. Het klinkt als een typische studioband, technisch vaardig maar niet erg spannend. Elaha is vast een goede zangeres, maar al met al is het wat saai, er is te weinig om het publiek vast te houden. Dat kun je niet zeggen van Los Bitchos, een suffe naam voor een bandje van vijf tequila drinkende dames en een hoop gastmuzikanten. Ze hebben er in elk geval zin. Met de gastmuzikanten erbij is het een zonnig cumbía-collectief, maar als band zelf zijn het toch vrij dunne surf-achtige instrumentaaltjes. Ook de Ibibio Sound Machine is niet erg overtuigend, maar vooral een Grace Jones partyband voor al uw bedrijfsfeesten, maar niet spannend genoeg voor hier.

20200208_171314 (2)

Na deze wat onbestemde rondgang zijn er dan gelukkig de Flamingods. Daar zijn we inmiddels wel aan toe. De Flamingods kunnen nog wel eens wat wisselvallig zijn, ingegeven door de voortdurende instrumentwisselingen, de nummers die eigenlijk meer medleys zijn, en de soms wat zenuwachtige zanger. Maar vandaag staan alle seinen op groen voor een heerlijk dampende set! Als de langharige Viking zijn shirt uittrekt schroeft hij het energieniveau nog een paar niveaus hoger. Flamingods eindigt met een kwartier lange midden oosten psychedelische kraut medley moloch en van de Cloud Nine resteert nog slechts een verpletterde hoop gelukzaligheid. Overtuigend is een understatement.

20200208_191217 (2)

Ik heb hoge verwachtingen van het Franse Tshegue, ‘afropunk uit de banlieus van Parijs’, maar dat komt er niet helemaal uit. Er is percussie, er is een zangeres die op Skin wil lijken, er is een bassist die het publiek mee laat klappen, maar er is ook ideeënarmoede en gebrek aan urgentie en eigenheid. Dan maar door naar de Mauskovic Dance Band, die ik hier al eerder de zaal naar de vaantjes zag spelen. Destijds bij Le Guess Who was het een ervaring, vandaag is het vooral een optreden. Mauskovic speelt degelijk en funky, er is eigenlijk niet veel op aan te merken, maar echt verschil maken ze vandaag ook niet, daarvoor is het te tam. Het geluid staat ook opvallend zacht, misschien ingegeven door de berichten over gehoorschade, maar de keerzijde is dat het geouwehoer in de zaal tot aan het podium doordringt.

20200208_210516 (2)

Dan gauw naar de Ronda voor de koning van de sax, de goden van de nieuwe jazz, want daar staat de geweldige Shabaka Hutchings met The Comet is Coming! Vanaf de eerste seconde na landing van het ruimteschip zitten we next level met Summon the Fire. De komeet brengt ons een verpletterende set vol kosmische jazz. Shabaka stuwt en duwt en stijgt lichtjaren ver op, maar vergeet ook de rest van de band niet, met fantastische jazzdrumritmes van Betamax en denderende synths van Danalogue. Dit zijn de kinderen van Sun Ra. The Comet is Coming is een explosie van energie, het heelal is te klein en Shaba is God.

20200208_222647 (2)

Zo is Footprints een mooi universum van vernieuwing en experiment. Experimenten kunnen slagen en mislukken en dat is allemaal prima, want de nieuwsgierigheid en het avontuur zijn niet aflatende drijfveren voor waar muziek ons kan brengen. Het is de kracht van vernieuwing, een mooie tocht naar plekken die we van tevoren niet hadden bedacht.

Na wat gehannes over kaartjes is de uitkomst vanavond zo dat ik mij bevind in een zaal vol mede-veertigers, die reikhalzend uitkijken naar dEUS. dEUS! De artrockband die consequent hoofdletters en kleine letters verwart, de aanvoerders van de Belgische bries die in de jaren negentig en nul over de lage landen woei, de band die dankzij talloze afsplitsingen een scene op zichzelf werd. dEUS had onnoemlijk veel fans en voor velen daarvan is het inmiddels gekoesterd jeugdsentiment. Die setting wordt nog eens aangewakkerd door het thema van de avond: we vieren dat het succesalbum The Ideal Crash twintig jaar geleden verscheen, want, zoals Tom Barman zegt, “Het doet ons veel dat dit album u veel doet.”

Ik heb mezelf nooit tot de grote schare aanhangers van dEUS gerekend. Integendeel, zou ik haast zeggen, want deze band is me altijd veel te pretentieus geweest. dEUS is zo’n bovenmatig serieuze band, waarin het dédain het altijd lijkt te winnen van de ironie. dEUS lijkt altijd te streven naar totale controle, maar verdringt zo de ziel uit de kunst. Maar laten we de band niet op karakter beoordelen, maar op wat er vandaag op het podium wordt gezet.

En dat is me nogal wat. Where to begin? dEUS heeft niets verloren van zijn streven naar perfectie, maar al bij de eerste nummers blijkt de realiteit weerbarstig. Het geluid is slecht, Tom Barman die met opgeheven arm wacht tot een roadie een gitaar aangeeft is lachwekkend. Al bij het eerste nummer komt vrij onverwachts een horde dansers het podium op, voor een hossende choreografie. Dit doet nog het meest doet denken aan de vervelend lang uitgesponnen dansscene uit Anyway the Wind Blows, de film van Barman uit 2003. Waarom?! Dit is als confetti in je bier. Ze komen nog een paar keer terug ook.

Geleidelijk komt dEUS wel beter op gang. Vooral de waarlijk dampende uitvoering van titelnummer The Ideal Crash is echt heel goed. Verder is het allemaal heel prima en degelijk. dEUS vraagt geen liefde, maar respect, en krijgt die ook volop, want het krediet is eindeloos. Wat kun je er eigenlijk ook op tegen hebben? Nou, dit misschien: dEUS is als Starbucks, terwijl je eigenlijk een authentiek bak zwarte pleur wil. dEUS is als een artikel in de Linda, terwijl je eigenlijk een goed stuk literatuur in gedachten had. dEUS is als Heineken icebeer, een kil surrogaat voor een lekkere pul ongefilterd thuisgebrouwen bier. Het is de soundtrack voor de gentrificatie, waarin makelaars en conceptontwikkelaars zich de vrije bohémiens van de 21e eeuw wanen. dEUS is uiteindelijk vooral een muzikaal concept, een sjabloon voor indie artpop bandjes.

Ik geloof direct dat het vanavond voor de fans een prachtige avond is geweest. Als jeugdsentiment functioneert het ook allemaal prima en de binnenkort te verschijnen nieuwe plaat zal ook wel weer gretig aftrek vinden. Maar Darth Faber heeft moeite om bij deze gladjakkers de ziel te ontdekken. Het vage idee van ‘urgentie’ dringt zich op, en dan vooral het gebrek er aan. De gelukkige keerzijde daarvan is dat het allemaal ook niet al te opdringerig is, en dus niet in de weg zit voor een prima avond. Maar niet eentje die nog lang in het geheugen na zal galmen.

Het is op deze Goede Vrijdag even omschakelen van de Mattheüs Passion (de echte, niet die plastic versie in Amersfoort) naar de rechttoe-rechtaan retrorock van Monster Magnet, maar als geharde festivalganger kan ik dat wel aan. Op het programma staat een soort van best of van de platen uit de jaren negentig, dus de Ronda staat vol verwachting van sweet memories.

Monster Magnet komt op met de aankondiging van ‘some true rock ’n roll’ en trapt af met de eerste nummers van Powertrip, hun meest succesvolle (maar niet de beste) plaat. Meteen zit de vaart er lekker in. Wat is dit toch eigenlijk ook een schaamteloos vermakelijke hardrockband, geen cliché wordt geschuwd. Wie op zoek is naar een band met urgentie in dit tijdsgewricht moet vanavond niet bij Monster Magnet zijn. Na elk nummer worden vrijwel alle gitaren gewisseld, er moet welhaast een extra vrachtwagen voor zijn meegereden. Zoals het hoort wordt er wijdbeens gespeeld, maar de echte blikvanger blijft toch Dave Wyndorf, die met wapperende haren voor de windmachine staat te brullen. Wyndorf  is een vocaal monster, met meer power in zijn strot dan de drie gitaren op het podium.

Het licht is vanavond opvallend beroerd. Op de achterwand wordt van alles geprojecteerd, maar daar is met deze lichtshow helemaal niks meer van te zien. Veelvuldig gaat ook het publiekslicht aan. Kom op zeg, dat is iets voor Amstel live of voor karaokeshows. Aan de andere kant, mij bekruipt hier toch ook af en toe wel het gevoel bij een soort van hardrock-karaoke te zijn beland.

Monster Magnet is dan ook geen band die de bakens van de hardrock eens stevig komt verzetten, ze doen gewoon lekker hun ding met hun spacy stonerrock. Veel van de nummers van PowertripSuperjudgeDopes to Infinity en God says No zijn dan ook tamelijk inwisselbaar. Na een paar nummers kun je de rest van de set ook wel uittekenen. Cage around the sun dient als balad tussendoor, maar daarna komt gauw de vaart er weer in. Dit kan in feite uren zo doorgaan, lekker rocken, biertje erbij, we are never gonna work again! Als de band dan na een goed uur, na monsterhit Spacelord, het publiek gedag zegt en het podium verlaat is dat nogal een koude ingreep. Wat krijgen we nou? Wyndorf maakt nog wat fotootjes van het publiek, he loves Utrecht, maar omdat alle clichés echt uitgemolken moeten worden komt de band – verrassing! – na een paar minuten weer terug voor een paar nummers, met hun beste nummers, Negasonic Teenage Warhead, als echte afsluiter. Hoor ik daar in het publiek hier en daar boegeroep? Niet eens helemaal onterecht, want dit was een behoorlijk plichtmatige set van een band die nog even komt scoren met wat oud materiaal. Monster Magnet is een band geworden met relevantie voor de Zwarte Cross of Bospop, als soundtrack voor veel bier drinken.

2016-03-25 21.24.51-32016-03-25 21.50.57-12016-03-25 21.57.58-1

 

2016-03-25 22.01.45

 

Het leek me op voorhand al wat ambitieus om The Residents in de Grote Zaal van TivoliVredenburg neer te zetten en de zaal – seated only – is dan ook maar matig gevuld. We zijn hier vanavond dan ook aanbeland bij de uiterste rafelranden van de popmuziek. The Residents figureren daar al ruim veertig jaar, met hun theatrale en hoogconceptuele avantgardistische deconstructies. The front seat is not for the fragile, en dat is precies waar wij zitten. Kom maar op!

2016-02-13 20.53.58 Uitvoering vanavond is het album Shadowland, de laatste in een immense catalogus van inmiddels ruim zestig albums. Shadowland is onderdeel van een drieluik over dood, sex en geboorte, in die volgorde; “life in reverse!” zoals zanger Randy aankondigt. Dat is vanzelfsprekend geen lichte kost, al blijft de diepere boodschap van het geheel mij onduidelijk.

2016-02-13 21.54.09 The Residents kun je zien als een vorm van totaaltheater, waarin het visuele aspect van groot belang is. Dan gaat het natuurlijk vooral over de kostuums, waarmee de Californische band al vanaf het begin zijn enigma en anonimiteit bewaakt. Geen oogballen deze keer, maar onheilspellende maskers van doodshoofden en dreads. Zanger Bob loopt druk heen en weer op zijn grote schoenen maatje zeventig, zijn bewegingen ogen tegelijk knullig en mateloos bezwerend. Hij is aangedaan, soms boos, soms diep droevig, en altijd fascinerend. De mannen zijn zichtbaar wat stram – als je een beetje terugrekent zou men onderhand de pensioengerechtigde leeftijd wel voorbij moeten zijn. Visueel en conceptueel heel wat strakker is dan de geheimzinnige bol achter op het podium, waarop tussendoor wonderlijke korte beschouwingen worden geprojecteerd door types als the Engineer, the Diver en the Garbage Man.

De plaat zelf is feitelijk al een live-album, en zover ik het kan terughalen krijgen we dit integraal te horen. The Residents is tegenwoordig nog maar een trio, en dat vertaalt zich toch in een vrij grote muzikale concessie. Rico (de opvolger en neef van Chuck, die voor de kippen zorgt) staat achter een mooie electronica-bak, maar naarmate het concert vordert groeit ook de verdenking dat vrijwel alles wat we van die kant horen op tape staat. Dit theater steunt grotendeels op muziek uit een bakje, minus de geanimeerde en toch wel indrukwekkende ‘zang’ van Randy en het gierende gitaarwerk van Snakefinger Bob. Dat is toch wel onbevredigend.

2016-02-13 21.15.32-1Niettemin: The Residents zijn volstrekt ongrijpbaar, muzikaal eigenlijk alleen (enigszins) vergelijkbaar met Captain Beefheart en misschien Zappa. Deze avantgarde was ooit een hoogst noodzakelijke ontwrichting van de heersende kunst, maar je kunt je wel afvragen wat hedentendage nog de urgentie is. Je kunt je echter ook afvragen of je je al dit soort dingen wel wel moet afvragen. The Residents heeft als kunstcollectief een kredietrekening waar Pep Guardiola niet tegenop kan en alleen al daarom is dit een noodzakelijke avond. Dit is het universum van the weird and wonderful Residents, een universum dat Einstein zich niet eens had kunnen voorstellen. De bizarre schoonheid, de gekte en de waanzin van The Residents moet je vooral ondergaan.

2016-02-13 21.21.06-1


2016-02-13 20.45.58

2016-02-13 21.49.18

In de afgelopen tijd speelde Other Lives al een paar keer in Nederland, maar vanavond zie ik ze voor het eerst. Ik ben niet de enige, want Thijs van voorprogramma Black Oak durft zelfs beschroomd toe te geven dat hij het helemaal niet kent, tot hilariteit van het publiek en de rest van de band. Ik zag Black Oak ook nog niet eerder. Black Oak komt voort uit een fusie van I Am Oak en Black Atlantic, beide uitstekende bands, en alleen al daarom wekt de som der delen meer dan gemiddelde interesse.

En terecht. De stemmen van Geert en Thijs vullen elkaar goed aan, en beter is het nog als Esther op de achtergrond ook meezingt. Black Oak speelt mooie, geduldige akoestische liedjes met een randje folk en een randje dreampop. Het stil luisterende publiek doet de band zichtbaar goed. In de muziek hoor je de ervaring vanuit de vorige bands terug, al blijkt dat niet uit het langdradige gepiel van gitaarstemmerij tussen de liedjes door. Dat wordt haast verlegen opgevangen met gekeuvel en anekdotes, waarmee de sympathiefactor van Black Oak alleen maar hoger wordt. Ze spelen veel de komende tijd, gaat dat zien. Heerlijk bandje.

Zo compact als Black Oak speelt, zo groots pakt Other Lives uit. Eerste nummer Reconfiguration laat meteen horen wat ons een ruim uur te wachten staat: mooi volle orkestraties, met ongelooflijk oog voor detail. Other Lives is eigenlijk een drietal, maar speelt vanavond als vijfmansband, en dat is wel nodig ook met de enorme hoop instrumenten die nodig zijn voor het volle geluid dat de band brengt. Alles live klinkt toch wel echt zoveel mooier, organischer en warmer dan muziek uit een kastje. De warme sfeer van de muziek wordt visueel ook nog eens uitstekend gepakt met het zeldzaam mooie licht. Prachtig!

In de beschrijving vooraf worden referenties gegeven aan de stemmige sfeer van The National en Tindersticks en dat klopt ook wel, maar meer dan die bands klinkt Other Lives volstrekt natuurlijk, zonder poses, maar met een enorme zeggingskracht. Zanger Jesse versterkt dat alleen maar; hij oogt weliswaar iel en haast breekbaar, maar hij is een krachtig en meer dan overtuigend performer. Jesse weet donders goed waar hij mee bezig en leidt ons vriendelijk maar dwingend zijn universum in. In dat universum heerst de muziek, realiseert hij zichzelf ook als hij zich even laat afleiden door een praatje over hoe mooi Nederland wel niet is. “Back to more serious business!” Jesse oogt en doet als een harige hippie die 45 jaar te laat geboren is (“You’re all so beautiful”), en in de muziek klinkt ook een sterke voorkeur voor de vroege jaren zeventig, maar tegelijkertijd is Other Lives hypermodern, met soms haast soundscape-achtige indiefolk.

De nummers van de prachtige laatste plaat Rituals en van voorganger Tamer Animals tellen op tot een mooie evenwichtige set. Alles komt bij elkaar in een sublieme cover van Nirvana’s Something in the way. Adembenemend goed dit.

Setlist: http://www.setlist.fm/setlist/other-lives/2015/tivolivredenburg-pandora-utrecht-netherlands-23f530ef.html

Morgan Delt **
Kevin Morby ****
Nour Mint Seymali ***
Pallbearer **1/2
Wand ***
Thee Oh Sees *****

Le Guess Who One Night in Pandora is een stapje terug ten opzichte van de LGW May Day van afgelopen jaren. Als men vermoedde dat de organisatie van het lentefestival ten koste zou gaan van het hoofdfestival in november dan is dat een verstandig besluit. En eigenlijk vind ik het ook wel lekker: gewoon zes goede bandjes op rij, lekker gemakzuchtig tegen de bar blijven hangen in plaats van telkens weer op de fiets springen om vervolgens weer ergens in de rij te gaan staan… Prima zo, laat maar komen!

Kick-off rond koffietijd met Morgan Delt, met de feel and look van 1970. Aftrap voor zo’n festival is altijd lastig, we beginnen met pakweg 50 man, maar in het halfuurtje dat Morgan Delt is gegeven verviervoudigt dat zo’n beetje. De band speelt prima fuzz en psychrock, het verrast niet dat ze met de Flaming Lips mee op tour zijn geweest. Het lukt echter niet echt om een vonk over te doen slaan naar het publiek. Daarvoor is dit te tam en te afstandelijk, en de avond misschien nog te jong.

Morgan Delt

Kevin Morby

Dat maakt Kevin Morby ruimschoots goed. Morby is in het dagelijks leven bassist van het lekkere bandje Woods, maar vanavond singer-songwriter met een uitstekende eigen band. Morby past in het rijtje Steve Gunn en Amen Dunes, die afgelopen november op LGW stonden. Morby heeft een prachtige, licht schurende maar kraakheldere stem, en een bloedserieuze uitstraling. De eerste twee of drie nummers krijgen een americana-feel mee door de slide guitar stijl van spelen van de dame rechts. Daarna wisselt ze naar basgitaar en komt er meer pit in. Het lange nummer Harlem River (ruim 9 minuten) is echt heel erg goed. Zeer overtuigend optreden!

Noura Mint Seydali

Nour Mint Seymali is al een ster in vaderland Mauretanië, en doet vandaag haar eerste optreden in Nederland. Seymali speelt de traditionele ardine (een soort harp) en zingt in een Moors-Arabische traditie. Weer echt zo’n programmeurskeuze van LGW, maar lastig om er iets van te vinden, want ik heb maar weinig referentiepunten om me hiertoe te verhouden. Het lijkt wel alsof er geen band uit de Sahel bestaat zonder technisch uitzonderlijk goede muzikanten, zoals vooral de desertblues gitaristen uit buurland Mali al vaak hebben laten horen. De vermeende psychedelica (zoals de bio zegt) zit ‘m vooral in de irritante geluidsvervormingen op de gitaar, maar de (blijkbaar als enige Engels sprekende) drummer vertelt dat dit zo hoort en per nummer moet worden bijgesteld. Ja ja. Noura zelf is wel echt een uitstekende zangeres, met een mooi vol stemgeluid. Dit gaan we vast nog veel terug zien op de wereldmuziekfestivals – Mundial werd al aangekondigd.

Dan is het even omschakelen naar de doom van Pallbearer, krankzinnig gevarieerde avond is dit toch… Een tijdje geleden pikte ik al een paar nummers van Pallbearer mee in het voorprogramma van Yob. Pallbearer trekt een onverwoestbare gitaarmuur van geluid op. Dat doen ze op zich prima, maar al met al is het weinig spannend. In de geluidsmix is de zang ver naar achteren weg gewerkt, waarmee het allemaal nogal eenzijdig wordt. Niet zo strak en bruut als het zou kunnen zijn.

Pallbearer

Wand trekt net zo’n gitaarmuur op, maar met veel meer ruimte voor noise en experimenteerzucht. Soms spacen we helemaal naar het plafond, maar net iets vaker blijft het wat hangen in ongerichte noise en gepiel. Wand knalt hard met verwoestende psychriffs, maar heeft ook enorm irritante zang. Beetje vervreemdend optreden dus, tussen ‘heel goed’ en ‘wat moet ik hier nu weer mee’ in. Maar oordeel ook zelf, zie hier een videootje van concert in Frankrijk. Ik kan mijn draai er niet goed in vinden, maar te oordelen aan de pit voor het podium krijgen ze daar het publiek wel mee.

Wand  Wand

Maar al het voorgaande lijkt het voorprogramma te zijn geweest voor Thee Oh Sees!! Wat een uitsmijter! John Dwyer staat maniakaal hard tekeer te gaan, gesteund door twee (!) drummers en een retestrakke, almaar voorstuwende bas. Dat geeft alle ruimte voor lekker ranzig gitaarwerk en heerlijke fuzz-explosies. Hieperdepiep, wat een feestje! Dit is Ty Segall, de Melvins en de New Bomb Turks bij elkaar. Crowdsurfen, stagediven, en bier, ja overal vliegt bier. Aan de overkant van de zaal gaat iemand bewusteloos tegen het beton. Thee Oh Sees doen waar ze voor gekomen zijn en ze spelen de tent zonder pardon aan gort. De adrenaline spuit de oren uit, het tempo is genadeloos, de chaos is totaal. Damn, wat een zegetocht!

Thee Oh Sees2015-05-24 01.38.40  2015-05-24 02.29.45

Eindoordeel: wat moeten we hier nu van vinden, deze tochwat uitgeklede versie van wat voorheen LGW MayDay was? Zo’n avond als deze biedt helemaal de staalkaart van Le Guess Who. Dat levert een krankzinnig gevarieerde avond op; waar anders kan je omschakelen van psychrock, naar Arabische blues, naar doommetal? Hier wel dus. Jammer is wel dat er weinig is geïnvesteerd in de festivalsfeer, waardoor TivoliVredenburg buiten de Pandorazaal gewoon is wat het is: een klinische omgeving met (dat wel) fantastische uitzichten over Utrecht. OK, er staat een lollig barretje met bier en vodka in de goederenlift naar de zesde verdieping, maar de toegang tot het plateau op de vijfde is afgesloten en om te eten moeten we naar de bitterballen in ‘Het gegeven paard’. Maar niet teveel gezeurd: het is ook feitelijk geen festival, maar een avondvullend visitekaartje van Le Guess Who. De fijnproever in mij is weer wakker geschud!

Kicking the Habit was er ook bij, zie hier verslag
Zie hier verslag van 3voor12
Zie hier verslag van KindaMuzik

Ryley Walker **
Perfume Genius *****
Bonnie “Prince” Billy ****
Dr. John & The Nite Trippers *
Iceage ****
Brandt Brauer Frick **
Parquet Courts ***
White Lung **

Drukke dag vandaag! Was het gisteren nog vooral een extended evening met de Neubauten, vandaag komt de festivalstemming er goed in, met veel heen en weer rennen. We starten wat hortend, met Ryley Walker in de Moira. Een kampvuurset van man met gitaar, maar dit boeit maar zeer matig, mede door het langdradige gepiel om de gitaar te stemmen. Visioenen van vervelende avonden op Droevendaalsesteeg doemen op, dus snel weg hier.

Mijn lang verwachte hoogtepunt Perfume Genius dan. Mike Hadreas begint wat onwennig, lijkt ook wat in verlegenheid gebracht door het doodstil luisterende publiek. En dat is niet voor niks, want de band brengt prachtig breekbare liedjes, afgewisseld met superieure uithalen. Het is een bijzondere set, met maar weinig nummers van zijn laatste plaat, Too Bright, en frisse versies van de oudere nummers. Het resultaat is verbluffend en ontroerend. Soms schreeuwt hij het uit, maar vaker nog neemt hij je mee diep in de getormenteerde ziel, met kleine pianoliedjes van glas. O o, wat is dit goed, wat een wonderschone kwetsbaarheid en wat een lef om dit zo tranentrekkend mooi neer te zetten. Hadreas durft zijn hele ziel bloot te leggen, je wilt hem vasthouden en knuffelen en zijn papa zijn. Maar vergis je niet, Hadreas is ook een vechter. En ineens zie ik dat hij zelfs uiterlijk lijkt op Frans Kellendonk, die hem al lang geleden voorging als kunstenaar in de belangrijke strijd voor acceptatie van homoseksualiteit.

2014-11-21 20.45.58

Tijd tot verwerking is er niet, want in de Ronda speelt intussen Bonnie ‘Prince’ Billy. In vele opzichten ook een master of darkness, maar vandaag zeer goed gehumeurd, met een vrolijke set vol Americana van eenzaam hoog niveau. Willy Oldham grapt en grolt tussen de nummers door, en laat zijn behaarde bassist zelfs moppen tappen (“What’s red and bad for your teeth? A brick”). De onhandig ogende houterigheid van Oldham is aandoenlijk en eigenzinnig tegelijk, en in de hele showbizz is er toch niemand anders die tijdens een liedje een oude zakdoek tevoorschijn tovert om de microfoon te deppen. I see a darkness krijgt een vlotte uitvoering, niet slecht, maar het haalt toch ook wel de angel uit het nummer. Daar staat Blood Embrace tegenover, dat met een superieur gitaarloopje en een dwingende bas tot stille bewondering dwingt. Boeiend van begin tot eind.

2014-11-21 21.55.50

 
Dan gaat het even anders dan gepland, want Ought blijkt voor Ekko tot een honderd meter lange rij te leiden. Daar komen we niet meer in. Snel terug dus, verlies nemen met een biertje, wachtend op Dr. John & The Nite Trippers. De man van de deltablues, van de zompige hoeken van de soul komt op met barok versierde wandelstokken en neemt plaats achter zijn piano met onafscheidelijke schedel. Het oogt niet al te best en helaas klinkt het ook niet al te best. En wie is die krijsende feeks met de trombone? Dr. John is nog net geen wrak, gestut door zijn niet al te beste band, en tsja, dan stort het zaakje als gauw in. Dr. John is inmiddels al 73 (vandaag is zelfs zijn verjaardag, geloof ik), hij speelt al sinds de middeleeuwen van de popmuziek, maar het blijkt net te lang, want vandaag is het een ontluisterende teloorgang.

2014-11-21 23.16.09

2014-11-21 23.52.08

Iceage dan maar. Van tevoren werden de Denen al stevig aanbevolen door de media. Hier staat inderdaad ook wat! Heel straffe wave punk van een band vol attitude. Zanger Ronnenfelt is een pretentieuze frontman, hij spuugt en zuigt, hij schreeuwt en hijgt. Dit is goed hoor. Op twitter zie ik dat de meningen nogal uiteen lopen: wint de afstotende pretentie, of de aanzuigende performance? Wat mij betreft het laatste, maar 3voor12 vindt dat precies andersom, want uiteindelijk te log en ‘op volle vaart een doodlopende straat in’. Allicht een band om gauw weer eens te kijken dus.

Na wat vertragingen in de eigen loop door het festival pikken we nog het staartje mee van Parquet Courts. Dit is een lekkere straffe punk set. Heel niet slecht hoor! Pikken we helaas te weinig van mee.

Wat Brandt Brauer Frick in de grote Ronda doet is mij een raadsel. “They make techno without the technology,” zegt het boekje, maar aanvang loopt wel liefst een half uur vertraging op vanwege gedoe met de technologie. Als het dan eindelijk los gaat zien we alleen een drummer naast de twee computerboys, niks van de aangekondigde akoestische instrumenten. Het oogt als gefrustreerd gepiel en gedoe, en de diep dreunende bas voelt vooral als een gimmick.

Afsluiter vandaag is White Lung. Knetterende Canadese punk teistert de oren in een ongenadige geluidsbrij. De drumster mept er hard op los, de bassiste gaat lekker tekeer, de gitarist speelt zijn rol met verve maar veel te gierend, maar de troefkaart is toch frontvrouw Mish Way. Ze schreeuwt en krijst, oogt soms wat verveeld (of moe), maar ze heeft de looks en de air van Debbie Harry. Niettemin: de punten worden niet verdiend door het meisje maar door de muziek en dan moet ik toch streng zijn.

2014-11-22 02.24.02-2 - kopie 2014-11-22 02.23.59 - kopie  2014-11-22 02.24.21-3

Einstürzende Neubauten *****
Tamikrest ****
Tomaga **1/2

Daar gaan we dan! Mijn vierde keer LGW, het festival om de hoek dat ik inmiddels helemaal in mijn hart heb gesloten. Wat een waanzinnig programma! Dat belooft weer veel onmogelijke keuzes, onverwachte ontdekkingen en nieuwe ontmoetingen.

Dag 1 is nog overzichtelijk, want deze staat helemaal in het teken van de Einstürzende Neubauten. De Neubauten zijn lange tijd in winterslaap geweest, maar komen nu dan terug met Lament, een project in opdracht van de gemeente Diksmuide tot een Gedächtnis aan de Eerste Wereldoorlog. Ze doen een korte tour door Europa, want het is vooral een performance, een theaterstuk. Het album is dan ook niet zozeer een nieuwe plaat, alswel de registratie van die performance, zo stelt de band op haar site. Ik ben benieuwd.

Waar zijn we beland? “In truth, the piece can only be fully realised, as well as best experienced, in its physical embodiment, performed on or by founding member Andrew Unruh’s gigantic instruments and noise generating devices that visually evoke the horrors the work describes or embeds in the sounds they conjure from the filth and terror of the industrialised 20th century world at war with itself.” Dat dus. Daar klapt elke recensent van dicht, maar vooruit:

De Neubauten trappen af met een Kriegsmaschinerie, een stuk steeds fellere noise op voornoemde instrumenten van Unruh. Vintage Neubauten. Het vervolg zuigt je naar binnen in een wondermooi en indrukwekkend totaaltheater. Hymnen drijft alleen op samenzang, ondersteund met (jawel) een prikkeldraadharp. We horen de uitwerking van een briefwisseling van kaiser Wilhelm en tsaar Nicholaas. Er is een hoogst conceptueel percussiestuk, waarop met 120 bpm elke beat een dag in de oorlog is, en elke aangeslagen pvc-buis één van de deelnemende landen. Tien minuten percussie! En het verveelt niet, sterker, het is indrukwekkend. Blixa zingt en declameert, hij schmiert en gilt. Ook indruk maakt In de loopgraaf, op basis van teksten van Paul van den Broeck, dichter uit Diksmuide. We horen een straf nummer over strijders uit Harlem, in het nog diep racistische Amerika. Unruh bespeelt op enig moment zijn loopkruk (!) als strijkinstrument. In de toegift zien we Blixa met een stukje Saint Saëns-achtig Duits vocaal kunstcabaret.

Het resultaat is ronduit verbluffend. Wat een verbeeldingskracht! Ik heb loopgraven gezien, de velden van West Vlaanderen, ik hoorde soldaten sterven, de hele waanzinnige tragedie komt voorbij. De opbouw van de set is onwaarschijnlijk strak en doordacht. Het mag allemaal wat conceptueel klinken, maar hey, dit zijn wel de Einstürzende Neubauten. Continu blijft er spanning, soms door de stevige geluidsmuur, maar vooral ook door de kleine geluiden, zoals af en toe de roffel op het metalen scherm achter de drummer. Elke beweging, elk geluid, het theatrale licht, alles klopt. Als we hier de oorlog zien, zien we ook meteen de overwinning.

Wie het zelf wil zien: zie hier de registratie van het Lament-concert in Praag.
En zie hier de recensie van Norbert Pek op 3voor12.

IMG_0583.JPG

IMG_0584.JPG

IMG_0580.JPG

IMG_0582.JPG

Met zo’n opening lijkt alle vervolg bijzaak. Ik heb dankzij de Neubauten helaas al The Growlers en Silver Apples moeten laten schieten, maar Tamikrest is goed haalbaar. Een heerlijke sound of the desert, leunend op lekkere percussie en luie gitaren. Ziet er goed uit, deze Toearegs op het podium van de Pandorazaal. Beetje Maliblues en beetje Pink Floyd, heel degelijk en goed, om te kijken en te luisteren, of om wat bij weg te dromen.

IMG_0585.JPG

Op de terugweg toch nog even naar Tomaga in Ekko. Door gepruts met geluid begint het een kwartier te laat. Niet handig voor een band die het moet doen met een klasje van pakweg 40 man publiek. Wellicht het gevolg van niet op de LGW-spotify-lijst staan? Is toch allemaal zonde, want op zich is dit best een straffe combi van drummende percussioniste en multi instrumentele geluid tovenaar. De opbouw is echter wat richtingloos, wat de spanning er wat uit haalt, maar op zich toch wel een geinig bandje voor de donkere avonden.

IMG_0586.JPG

Morgen verder!