Flitsverslag – met foto’s van onvolprezen fotograaf Anne-Marie van Rijn

Geweldig idee van Peter te Bos en zijn mannen om na jaren in de luwte weer even aan het volk te tonen wat ook alweer de standaard van de Nederlandse rock is. Ze zijn (net als wij allemaal in het publiek) lang niet meer de jongste, de diesel moet ook even een paar nummers op gang komen, maar als het eenmaal vol gas gaat dan is er geen houden meer aan. Claw Boys Claw gaat voor een heerlijke avond vol zompige rock: John Cameron gitaart als een jonge god, Jeroen Kleijn en Marcus Bruystens leggen een tapijt van niet al te ingewikkelde maar retestrakke ritmes, en Peter te Bos heeft al zijn kuren nog: hij maakt een rondje door de zaal, pakt iemands telefoon af, en zijn grijns wordt steeds groter. Dat geldt ook voor de pit in de zaal, die in liefst zeven kwartier en twee toegiften he-le-maal plat wordt gespeeld. Geweldig mooi hoe ook de nummers van de nieuwe plaat naadloos in het indrukwekkende oeuvre van de CBC passen. De oude hits worden in de toegift uit de kast getrokken, met Superkid en Rosie, een stukje Dracula zelfs, en als ultieme uitsmijter een knetterende versie van Wanna be your dog van de Stooges. Claw Boys Claw kan zo nog eens dertig jaar mee.

2018-04-12 Claw Boys Claw-Tivolivredenburg Anne-Marie van Rijn 0132018-04-12 Claw Boys Claw-Tivolivredenburg Anne-Marie van Rijn 0162018-04-12 Claw Boys Claw-Tivolivredenburg Anne-Marie van Rijn 0202018-04-12 Claw Boys Claw-Tivolivredenburg Anne-Marie van Rijn 0352018-04-12 Claw Boys Claw-Tivolivredenburg Anne-Marie van Rijn 0362018-04-12 Claw Boys Claw-Tivolivredenburg Anne-Marie van Rijn 0472018-04-12 Claw Boys Claw-Tivolivredenburg Anne-Marie van Rijn 0542018-04-12 Claw Boys Claw-Tivolivredenburg Anne-Marie van Rijn 062

Alle foto’s (c) Anne-Marie van Rijn

Advertenties

Terug in Utrecht, met een nieuwe plaat: de working man heroes van Sleaford Mods! Op de zesde verdieping van ons eigen kapitalisties cultuurpaleis, maar daar kijken we maar even doorheen dan.

Voorprogramma is G.O.D., in andere gedaante ook bekend als Onze Vader, als een Australische rockband waarvan beide leden aan een heroïne overdose ten onder gingen, als Koreaanse boyband (acroniem voor Groove Over Dose, echt waar), als speedrockband uit Den Haag, en vooral als knetterend Brits electronoisecollectief. Erg origineel is de naam dus niet. De incarnatie van vanavond is een tweetal dat zich op een vette laag van smerige diepe beats richt op wat je doom-hiphop zou kunnen noemen. De band heeft roots in het ook nogal pittige Cairo Liberation Front. De vocalist klinkt lijzig als Maxi Jazz, en dat alles combineert muzikaal wel lekker tot een kille, afstandelijke sfeer. De podiumpresentatie is een soort andersom van Sleaford Mods, want hier werkt de gast van de beats aanmerkelijk harder dan de zanger. Dat gaat al snel tegenstaan. Deze jongen blijft net teveel in de fuck you houding staan, maar ik wil hier verdomme afgetuigd worden! Deze leeuw is te lui om te bijten. Dat slaat niet over en na een goede 20 min is het wel weer mooi geweest.

Na een tijdje volgt als een soort van tussengerecht een 5-minutenset van een spreekzanger met muts, die er uit ziet als de roadie en ondanks het geklooi om een suffig deuntje uit de computer te krijgen toch een verdomd goede flow blijkt te hebben. We krijgen twee nummers, dan weer ombouwen.

Veel werk kan dat niet zijn bij Sleaford Mods, zou je zeggen, maar we worden toch een half uur in spanning gehouden. Voor mij houdt de jeugd het al niet meer, en het is niet verrassend dat ik deze gasten later als eerste terugzie bij het crowdsurfen. Maar dan toch, de fokking Sleaford Mods!

De setting bij de Mods is overzichtelijk. Andrew Fearn staat met een petje op en een biertje in zijn hand voor de laptop mee te swingen, hij drukt af en toe op enter en start weer een nieuw nummer met rauwe minimalistische beats. Jason Williamson (meet ontzagwekkend lelijk shirt) heeft genoeg aan een microfoon om daaroverheen zijn teksten over de Britse maatschappelijke zelfkant de zaal in te spugen. En dat klinkt als een smerige punker, maar zijn timing en vocalen zijn echt van buitencategorie. Had de Sex Pistols zo’n vocalist gehad dan was het nog eens echt een grote band geworden!

Het tweede nummer, Army Nights, is meteen een knaller van de fijne laatste plaat, English Tapas, en direct daarna gaat met Moptop meteen de versnelling erin. De beats zijn smeriger dan op de plaat, Williamson heeft grootse schijt aan alles, hij krabt nog eens in zijn kruis, spuugt eens in het rond, en de meute van de Pandora komt goed beweging, met wat voorzichtig crowdsurfen en een halfslachtige stagedive. Zo zie ik nog wel eens een avondje Bunnik-side voor me!

Het is een lekker stukje minimalistische elektropunkhop, maar uiteindelijk blijft toch ook een wat dubbel gevoel hangen, net als vorige keer in Ekko. Aan de ene kant is dit een geweldige poetry slam met working class beats, aan de andere kant toch ook een gimmick met houdbaarheid van max drie kwartier. Daar is de band het natuurlijk niet mee eens: https://twitter.com/sleafordmods/status/982012957839314944?s=21, en ook De Kettingzaag heeft zijn bedenkingen: http://www.dekettingzaag.nl/sleaford-mods-triomferen-in-pandora/

En ze hebben naturlijk gelijk, want zo gaat alle serieuze muziek kapot: hardrock werd vernield door de glamrock-gimmick, gabber ging ten onder aan kale gabbertje, en ik heb zelf al op de lagere school de punk om zeep geholpen door The Ramones te playbacken op de verjaardag van de hoofdmeester. Zo moet dat niet, en zeker niet bij Sleaford Mods! Dood aan de gimmick! En laten we wel wezen, het vuur blijft goed branden en de epiloog mag er vanavond serieus wezen, al is het maar omdat daarvoor novelty-hit Tied Up in Nottz nog klaar lag voor een verschroeiende uitvoering. Fuck it, volgende keer tank ik eerst tien blikken bier en dan ben ik er weer bij!

Als The Ex een nieuwe plaat uitbrengt dan worden de oortjes serieus gespitst. Eindelijk is het weer zover: vijf jaar na Enormous Door (samen met Brass Unbound) en liefst acht jaar na het ‘reguliere’ Ex-album Catch my shoe is er dan nu 27 Passports. Het album was al een weekje uit, tot grote vreugde van de Ex-volgers. Maar ook eerder wisten we al dat hier iets geweldigs aan zat te komen: de eerste rudimentaire versie speelden ze vorig jaar al bij festival Van Onderen, bij Darth Faber fest in september bleek het materiaal al goed gerijpt, in oktober werd de hele zaak in drie dagen opgenomen en kort daarna zagen we in de Worm dat er een ontwrichtende plaat aan zat te komen. En nu is het dan zover: de release party! Na zoveel checks op de wordingsgeschiedenis wil ik de geboorte ook wel meemaken, dus op naar Amsterdam Noord.

Want daar gaat het gebeuren. Amsterdam Noord heeft nog prachtige rafelranden, stukjes tussentijd in de ontembare ontwikkeling van de stad, en vlakbij bij de creatieve hotspot De Ceuvel zit Eritrees restaurant Semai. Het is hier meer bedrijventerrein dan horecagebied of poppodium, en dat is precies waarom iedereen alert en nieuwsgierig binnen lijkt te komen. Hier gebeurt wat! Maar dat gaat niet vanzelf. Dit is geen plek om vermaakt te worden, hier moeten we zelf helpen om de sfeer te maken. Do it yourself. Welkom in het universum van The Ex.

En dat is een vrolijk universum, overlopend van creativiteit, van de wil om te maken en te ontwrichten, van totale, ongeremde nieuwsgierigheid, waar je blij wordt van experimenten die soms nergens toe leiden maar die ook kunnen uitpakken tot geniale sonische vernieuwing. En zo is het vandaag ook opgezet. The Ex heeft eigenhandig een podium opgebouwd (want dat is hier natuurlijk niet), Dick heeft een geluidsinstallatie binnen gesleept, er is Eritrees bier vanuit het restaurant hierboven, en hop we go!

Zonder veel omhaal is de aftrap door Kurws, uit het het Poolse Wrocław. Het is een driemans instrumenteel collectief op het snijvlak van noise, freejazz, avant-garde en postpunk. Het begint als een stukje lekkere dwarsmuziek, waarna het (schijnbaar) al improviserend evolueert tot een genadeloze ritme-machine, vol maffe breaks, met versnellingen en vertragingen, en toch volledig gecontroleerd. De zaal loopt intussen flink vol en iedereen wordt ter plekke door Kurws ingepakt. Heel mooi bandje.

20180330_204344 snij

Daarna is het de beurt aan Werede Tesfamichael, een Eritrese zanger die volgens Ex-zanger Arnold is neergestreken in Vrouwenpolder en nu dus speelt in Amsterdam Noord. Het leven kan raar lopen. Tesfamichael speelt de krar, een niet al te grote soort lier met zeven snaren, elektrisch versterkt. Het is een mooi ding, ik mag het nadien nog even bekijken en zelfs aanraken. Zeven snaren, dat past natuurlijk helemaal niet in de westerse muzikale conventies, en zo is het toch ook wel met de liedjes van Tesfamichael. Het is bevreemdend, moeilijk te plaatsen, en ik ben duidelijk niet de enige die dat vindt, want van achter uit de zaal dringt het afleidende geroezemoes steeds verder door naar voren. De nummers van Tesfamichael zouden uren en uren door kunnen gaan, misschien dat dat ook wel maakt dat het voor ons not in the know toch ook vooral wel achtergrondmuziek is.

20180330_220630 snij

Het wordt nog een tikje lastiger met John Butcher, een Engelse saxofoon-speler die volgens Ex-gitarist Andy onterecht onbegrepen is, maar eerlijk gezegd zie ik hier vanavond niet heel veel zieltjes gewonnen worden. Nu ben ik wel enigszins bevooroordeeld, want ik vind de saxofoon echt een enorm kut-instrument, maar goed, ik zie ook wel dat Butcher gekke dingen doet, met bijvoorbeeld een soort van circular breathing, alsof hij een didgeridoo speelt. Later pakt hij ook nog een klarinet er bij, voor nog wat meer subtiliteit, maar het publiek is inmiddels echt wel klaar om er eens flink van langs te krijgen door The Ex zelf.

En niet veel later is het dan zover: terwijl The Ex het podium betreedt sta ik net in de rij voor de zoveelste fatal piss bij de enkele mannen-wc, maar ik kan dat snel dus een minuut of twee later sta ook ik paraat. The Ex klapt er meteen op met This car is my guest, het meest catchy nummer van de nieuwe plaat. We worden vervolgens meegezogen in een trip waarvan ik niet meer weet hoe lang het heeft geduurd. Dit is werkelijk een goede vrijdag. The Ex klinkt fris en vuig, en vooral mateloos energiek.

Alle nummers hebben zo’n opbouw waarmee het hele bouwwerk weer een stuk verder wordt opgetild; net als je denkt dat je er lekker in zit komt er nog een laag gitaren bij, gaat het ritme nog een tandje harder, grijpt Arnold ons nog even wat dwingender bij de strot met zijn kritische teksten. Voorin vormt zich een pit, want The Ex is meer dan alles fysieke muziek. Dat geldt ook voor de band zelf; als ik Terrie nadien een schouderklopje geef is mijn hand nat van het zweet. Het dringt bij iedereen goed door dat hier iets magisch gebeurt, opstijgend in een prachtig samenspel tussen band en wij, dicht bij elkaar hier in deze vage hal, duizelend van de muziek en het Asmara-bier. Dit is geen concert, dit is een belevenis die we samen maken.

Drummer Katharine verklaarde de naam The Ex laatst uit de onwil om stil te blijven staan, altijd maar door naar iets nieuws, ex is gisteren en nu is vandaag, en met deze nieuwe plaat horen we dat die mentaliteit zelfs binnen een nummer hoorbaar is. Daarmee verkent The Ex weer een heel nieuwe richting, hoeveel elementen we ook herkennen uit de punk, noise, poetry, postpunk, en zelfs kraut en weet ik wat al niet meer. Het leuke is dat daarmee ook weer nieuwe aanhang wordt gevonden, want er lopen opvallend veel mensen rond die met vrij grote zekerheid nog niet waren geboren toen The Ex begon, wat zeg ik, die er nog niet eens waren toen ik The Ex voor het eerst zag. En dat is toch wel meer dan geweldig: The Ex kijk je niet om de glorie van de afgelopen 39 jaar te zien, maar om deelgenoot te worden van de toekomst.

Het was een grote eer om hier vanavond te mogen zijn.

20180330_225617 snij.jpg

20180330_233720

Andere reviews:
http://louderthanwar.com/the-ex-27-passports-release-party-semai-amsterdam/
http://www.polderlicht.com/uncategorized/ex-feest/

http://enola.be/muziek/live/29278:the-ex-30-maart-2018-semai-amsterdam

Wat ook moet worden gezegd: prachtig fotoboek van Andy bij de plaat!

Darth Faber pakt de agenda er weer bij, en dan zien we in april een drukke maand opdoemen! Wat moeten we zoal in de gaten houden? Een kleine greep in en rond Utrecht:

DB’s trapt op 1 april af met Fools Day Fest, vier bands ‘op het snijvlak van analoge dans en elektronische swing’. Blind Butcher zit tussen postpunk en Neue Deutsche Welle, Staatseinde is Utrechtse electro, The Incredible Stacks is ‘analoge garage swing’ (whatever that may be), en BoterBoter is voor de elektronische swing. Feest dus op paaszondag, vanaf 16u. Geen probleem, want eten kan tegenwoordig ook, met de koks van Ramenas. En er is nieuw bier.

Maar we kunnen de dag ook doorbrengen bij Acu, want die brengt een middag vol gitaar-drone, met oa The Star PillowThisquietarmy en Aidan Baker. In samenwerking met Strowis gebracht. Het is geen marathon-drone, maar een reeks optredens, met tussendoor voor de liefhebber nog paaseitjes-brunch ook. Dat klinkt gemoedelijk, maar dit wordt een spannende en verrassende middag.

Sleaford Mods komen in de Pandora hun ding doen, waarvan ik me nog altijd afvraag of het de ware punk van nu is of een geweldige gimmick. Check het zelf op 5 april.

Op 8 april is de stijf uitverkochte terugkeershow van Johan in De Helling. Dat wordt het begin van een toertje, meen ik, want is een try-out voor de vernieuwing. Ik ben niet zo’n Johan-volger, maar kan me wel voorstellen dat dit een mooie avond gaat worden. Leuk is dat gitarist Robin Berlijn nu meespeelt. Dertig jaar geleden bracht hij (een jaar of 17 toen nog maar) ook al eens flinke verfrissing in The Fatal Flowers. Misschien wel de beste gitarist van Nederland.

Op 11 april treffen we in de Acu Nouveau Veló, de Helmonders die langzaam bewegen van psychrock naar meer melodieuze nummers. Deze band verdient een veel groter podium, maar de Acu is natuurlijk ook wel weer lekker knus.

De oude knakkers Claw Boys Claw doen na een paar jaar rust weer een rondje. Er is een nieuw album verschenen, met de eigenaardige titel It’s not me, the horse is not me (part 1). Daar past een traditionele clubtour bij. De Pandora is op 12 april stijf uitverkocht en dat is terecht, want iedereen weet dat Peter te Bos cs. altijd net even wat meer bieden dan al die kutbandjes van tegenwoordig.

Op 13 april spelen The Deep Dark Woods in Cloud Nine. Dat is mooie stemmige alt-country. Ik zag dat een paar jaar geleden al eens in het bos bij Into the Great Wide Open. Bijzondere ervaring was dat. Binnenkort dus in onze cultuurtempel. Diezelfde avond speelt overigens The Selecter in de grote Ronda. Kun je ook doen. Dit is wel een mooi avondje classic ska, want daarnaast speelt ook The Beat, iets minder bekend maar zeker niet minder leuk (.

Het heeft even geduurd, maar op 14 april komt dan eindelijk Iguana Death Cult naar dB’s. Vuige sludge garage van de bovenste plank, bovendien sensationele live-band. Dit is een band die in staat geacht moet worden het hele CAB-gebouw af te breken, dus daar kun je maar beter bij zijn.

Interessant is Minami Deutsch, op 15 april in Ekko. Als Japanners met Duitse krautrock aan de haal gaan ontstaan er doorgaans mooie dingen, denk vooral aan Acid Mothers Temple. Minami Deutsch heb ik nooit gezien (en het gaat deze maand helaas ook niet gebeuren), maar als ik u was zou ik hier toch zeker bij willen zijn.

Ook niet te missen is Amusement Parks on Fire, ooit de belofte van de Engelse underground, met (natuurlijk) de daarbij horende referenties aan My Bloody Valentine e.d. Het was een paar jaar stil, maar er is weer een plaat, vol van noise en shoegaze. Op 20 april in ons eigen dB’s. Dit wordt zeer de moeite waard

Op 21 april vieren we Record Store Day, inmiddels verworden tot een verschrikkelijk commercieel gebeuren, maar wel met overal bandjes en niet in het minst een soort van afterparty in de Ekko. Daar spelen dan in elk geval Madensuyu en Charlie & The Lesbians. Madensuyu kennen we als overdonderende machine van slechts drum en gitaar, maar nieuwe plaat Currents is veel atmosferischer, met zowaar nummers zonder drum. Ben heel benieuwd wat dat live betekent. Verder wordt het een heus festival, want ook Aestrid speelt, nog zo’n band die ik veel te vaak heb gemist, ondanks de fraaie lange nummers, gedrenkt in postrock.

Diezelfde dag biedt dBs een heus festival, Melonfest, met oa Robbing Banks en Indian Askin. En Kees van Hondt zou ook maar zo eens langs kunnen komen. Op het snijvlak van garage en levenslied. Feest vanaf ’s middags, zij het met 22,50 wel enigszins aan de prijs.

Op 23 april speelt Protomartyr in de Melkweg. Ik slaag er al jaren in om ze live te missen (zal nu waarschijnlijk ook weer gebeuren), maar laat je niet weerhouden. Het album Relatives in descent is gemakkelijk één van de beste van vorig jaar en live is Protomartyr een sensatie.

We kunnen april afronden met een stevige pot sludge/doom/stoner door Bison, band met toepasselijk naam uit Canada. Vrolijk word je er niet van, zeker niet als je bedenkt dat voorprogramma LLNN als ‘post-apocalyptic’ wordt omschreven, maar dit zijn doorgaans wel de bands die (bij mij tenminste) de gedachten verzetten en helpen voor wat muzikale diepgang. Op 29 april in dBs.

Hier moet u het voor nu maar even mee doen. Aanvullende suggesties zijn natuurlijk altijd welkom. Er valt altijd meer te beleven dan dat ik bij kan houden.

Onder hoge tijdsdruk voor andere zaken iets nieuws verzonnen: het flitsverslag. Max 200 woorden voor korte review. Niet omdat de band het verdient, maar uit tijdgebrek. Dan kan een verslagje net in de trein tussen huis en werk. Bij deze:

Flying Horseman, prachtige driemans/tweevrouws-band (waarvan één hoogzwanger), uit Antwerpen. De nieuwe nummers (eerste deel van de set) zijn wat abstract, lastig te grijpen, maar wel bijzonder mooi. Het is aangename donker, licht mysterieus van sfeer, zonder dat het echt duister wordt. Wat een zegen moet het zijn om met zulke goede muzikanten te spelen, om zo’n mooie stem te hebben, en om zo te kunnen leunen op een geweldige drummer. De oudere nummers (tweede deel van de set) zijn veel intenser, pakt het publiek veel dichterbij. Hier komt veel meer ziel in de muziek. Mooi! Gek genoeg moet ik ineens aan Led Zeppelin denken, vanwege de Stairway-achtige opbouw van veel nummers: voorzichtig beginnen, opbouwen, hard gaan, afronden. Daarnaast ook een heel mooi solo-liedje van zanger/gitarist Bert Dockx. Flying Horseman is niet makkelijk te pakken, maar wel een bijzonder fraaie band.

20180324_214307 snij

 

 

De aankondiging van Ekko voor deze avond liegt er niet om: “Mauro Pawlowski ken je ook van zijn gitaarwerk voor dEUS en als frontman van Evil Superstars. Een excentriekeling en een creatieve alleskunner, die met Gruppo di Pawlowski de gekte van Frank Zappa, Captain Beefheart combineert met de wilde capriolen van Grinderman en het opzwepende Mano Negra. In zijn eigen woorden dus: een ‘asociaal feestorkest’. Geniale gekte!” Gek genoeg verleiden deze mooie woorden tot een slechts driekwart gevulde zaal, maar ik ben er bij voor een gedenkwaardige avond.

Voorprogramma is Spill Gold, een Vlaams klinkend maar Amsterdams damestrio. Ze brengen een fijne pot donkere wave. Spill Gold heeft pas net een EP-tje uit en de band oogt nog wat verlegen op het podium. Het is natuurlijk ook wel lastig om te beginnen voor een nog maar matig gevulde zaal, ik krijg er een enorm Eurosonic-gevoel van. De bas uit de synths is niet zo heel erg spannend, de gitaar en zang zitten lekker vol galm. Vooral de inventieve dwarse drumloopjes zijn heel erg lekker. Prima band om mee te beginnen!
20180310_210717 snij

Intussen arriveert dan ook de band van Mauro Pawlowski, die razendsnel de instrumenten naar binnen sjouwen, fluks de boel opbouwen en zonder noemenswaardige soundcheck vanaf de eerste seconde helemaal on fire gaan. Dat is nog eens een vliegende start!

Ik had Pawlowski eerder met de Evil Superstars gezien op LGW en dat was al indrukwekkend, maar vanavond is het nog een heel stuk strakker, smeriger en harder. Pawlowski is Birthday Party meets Spasmodique. De Gruppo speelt retestrak, waardoor Mauro alle ruimte heeft om helemaal los te gaan. Hij schreeuwt en zingt en krijst en gilt, hij krioelt op het podium, hangt over de microfoonstandaard, hij is een podiumbeest.

20180310_224935 snijGek genoeg blijft het publiek er nogal tam onder, behalve dan die ene gast die vooraan helemaal leip gaat. Halverwege gaat er dan iets mis met het geluid, kortsluiting of zoiets, maar Mauro maakt van de nood een deugd om het publiek er wat meer bij te betrekken in een samenzang van Bohemian Rhapsody. Ha! Waarom ook niet? Als de techniek weer hersteld is knalt de band nog eens goed los, maar na een goede drie kwartier is het vuurwerk alweer voorbij. De band komt natuurlijk wel terug voor het extraatje, Mauro vraagt nog even aan de organisatie hoe lang ze nog mogen, want “we zijn wel professionals, hè” en daarmee plakt de band er nog tien minuten aan vast.

Ongelooflijk, wat een band is dit zeg. Geniale gekte, ongekend goed gespeeld, totale overgave. Dit was zo’n concert dat eigenlijk alleen maar samen te vatten is met: je had er bij moeten zijn.

20180310_220747 snij

Eindelijk, eindelijk is het dan zover dat ik Anna von Hausswolff live aan werk ga zien. Ik heb haar al vaak gemist, bij Eurosonic (in 2013 al), in Bitterzoet (2016) en bij LGW (2016). Dat klinkt als een indrukwekkende lijst, maar elke keer was ik er dus niet bij. Maar vandaag wordt dat helemaal hersteld in de knusse Ekko, die nota bene nog niet eens helemaal uitverkocht is.

Het voorprogramma Nebulosa is op het laatste moment ingevoegd. Hij was er toch al, want dit is een soloproject van de gitarist van Anna. Hij zit links in een hoekje op het podium, summier uitgelicht. Hij speelt vooral wat Grateful Dead-achtige riedels. Een echte spanningsboog wordt dan ook niet opgebouwd. en het is dan ook niet heel makkelijk voor het publiek om hier stil naar te luisteren. Na 20 minuten is het met deze muzak wel weer genoeg geweest.

Anna von Hausswolff begint met The Truth, The Glow, The Fall, het behoorlijk epische eerste nummer van haar nieuwe plaat, Dead Magic. Dat is een mooie binnenkomer, waarin we meteen gegrepen worden door de geweldige stem van Anna. Je vraagt je af waar het vandaan komt, want ze is maar klein, maar daarin zit wel een majesteitelijke strot en een geweldige set longen. Als het kerkorgel aanzwelt maakt Anna met de vlechtjes telkens een leuk huppeltje, wat tussen de zware gothic door ook iets onwaarachtig schattigs heeft.

Toch komt de set wat moeilijk op gang. Er wordt veel tijd genomen om te schakelen tussen de nummers. In de eerste drie nummers ligt de nadruk sterk op dat stemmige kerkorgel-geluid, voor een sfeer van de koele meren des doods. Ik kan dat als kleinzoon van de kerkorganist van Driesum best waarderen, maar het brengt de vaart er nog niet echt in. Dat komt als Anna na een paar nummers verlichting brengt met een verlegen praatje, gevolgd door, volgens mij, Ugly and Vengeful. Dit is een lang (en bepaald niet orgelloos) epos van een kwartier, waarin de gitarist en en bassist de strijkstok erbij pakken voor het intro, langzaam toewerkend naar een zwaar en heftig tweede deel. Anna zingt af en toe haast als Lisa Gerrard, de koningin van het genre, het is echt indrukwekkend wat ze doet.20180309_221445 snij

Het publiek is stil, soms intens luisterend met de ogen dicht, of met open ogen voor het doeltreffend mooie licht. Ineens ontstaat zo halverwege het optreden die magische, maar zeldzame klik tussen artiest en publiek, dat gevoel dat je hier samen bij iets heel bijzonders bent. Anna merkt het overduidelijk ook, het stuwt haar steeds hoger, waarbij ze ons steeds verder naar binnen zuigt in haar wereld, die duister lijkt maar vol is van warmte en romantiek. Ekko is een eigen universum geworden.

De bassist stapt op enig moment over op accordeon, terwijl Anna er zowaar een mondharmonica bij haalt, voor een mooi stukje darkfolk. Voor het prachtige The Mysterious Vanishing of Electra speelt ze akoestische gitaar, dicht op het publiek. Het lange laatste nummer, Come Wander With Me, brengt alles in barokke eenheid bij elkaar, met lange vocale uithalen, duistere synths en gitaren en heerlijk vertraagde drum. Er ontstaat nog wel een wonderlijk moment als ze met een ssshht het nummer halverwege stillegt omdat er in de zaal blijkbaar iemand onwel is geworden, maar de schade lijkt mee te vallen en de band trekt weer op tot een zinderende finale. De toegift wordt een heerlijk lief liedje, waarbij Anna midden op de vloer van Ekko staat, uitgelicht met alleen de twee spiegelbollen en omringt door het publiek, dat haar het liefst zou omhelsen en nooit meer loslaten.
20180309_220535 snij