Veelbelovende avond vandaag! Dead Meadow gaat al twee decennia mee en heeft net (voor het eerst in lange tijd) weer een fijne nieuwe plaat, The Nothing They Need, en we weten dat het live altijd goed is. Ze zitten middenin een zeer uitgebreide tour, die ze brengt tot in Rusland en Zuid-Afrika, binnenkort ook op Desertfest in Antwerpen, maar nergens is het zo leuk natuurlijk als in ons eigen dBs, zoals we eerder al een paar keer zagen.

20181010_210414Eerst krijgen we Trans van Santos voorgeschoteld, een Californische Portugees die solo met akoestische gitaar een paar nummers voor ons speelt. Van Santos gaat aanvankelijk wat verborgen onder zijn hoodie, maar durft gaandeweg steeds meer los te komen. Hij pingelt lange instrumentale stukken, soms in combinatie met zijn hakken als percussie, en een stem met het aangename timbre van Lou Reed. I am a neon tree, zingt hij. Het luistert lekker weg, een fijne Californische geestverruiming. Van Santos is tussen de nummers door nogal breedsprakig met wonderlijke teksten over zijn eerste avonturen buiten de VS, blijkbaar wilden de autoriteiten niet erg meewerken aan zijn tournee. Het laatste nummer krijgt een mooie aankondiging: “This may be the last one you ever hear, you never fucking know”. Zo is het inderdaad ook altijd maar weer. Van Santos was tevoren wat gespannen, maar hij durft kwetsbaar te zijn en krijgt in ruil daarvoor een warm bad van het publiek.

Dead Meadow is een hypnotiserende spacemachine van het beste soort en een vergelijking met Spacemen 3 is bepaald niet te ver gezocht. Dead Meadow verkent vanavond heel het genre van de psychedelische rock, van repeterende motorik en wah-wah galm, tot aan luisteren met je ogen dicht naar de melancholie die in dikke lagen door de muziek heen is gemengd.

Dat levert een mooi spacy palet op, met vele referenties. We horen de lijzigheid (of slack zoals dat tegenwoordig heet) van J. Mascis, de sludgy motor van Black Mountain, de ondertoon van blues van Black Rebel Motorcycle Club, de melancholie van Spiritualized en de zompige  space van Moon Duo. Dat zijn niet slechts referenties, maar de ingrediënten van een heel eigen geluid.

De vorige keer in dBs vond ik Dead Meadow al heel goed, maar deze keer is het buitengewoon. Het is mooi om te zien hoe een band die al lang meegaat nog steeds aan zeggingskracht weet te winnen. Dat alles wordt nog eens mooi samengevat in de toegift, met een nummertje solo, gevolgd door een knetterende trip in outer space. Dead Meadow is een band om te koesteren.

20181010_22245820181010_222445

Advertenties

Vanavond een uitverkochte pot ultrazware rock in da house bij dB’s. En niet de minste, want Crowbar brengt 30 jaar sloopervaring mee. Een band die in de sublagen van het harde werk een stevige naam heeft opgebouwd, en daarmee vanavond de enige show van deze toer in Nederland doet, bij mij om de hoek. Mooi!

Voorprogramma is het bepaald niet misselijke Earth Ship. Eigenlijk best wonderlijk dat deze bandnaam niet veel meer circuleert, maar de metalarchieven houden het bij deze Duitse sludge/doom machine. We pikken maar twee (lange) nummers mee, maar potverdorie, deze sludge astronauten meten zich moeiteloos met gelijksgestemden als Monolord of voor mijn part zelfs Conan. Stevige sludge, lange trancy riffs, spacy tot aan de randen van de galaxy. Hier had ik wat eerder bij moeten zijn, want dit is wel een mooie ontdekking, hoor.

Crowbar gaat al zo’n dertig jaar mee, in het schemergebied tussen af en toe een grote set (als voorprogramma), maar vooral als band die met steeds meer staat van dienst de wat bescheidener zalen aandoet. Voor dBs is het een grote vangst en het was dan ook in no time uitverkocht.

Ik behoor zeker niet tot de aanhangers van het eerste uur en dat oogt op het eerste gezicht wederzijds, want Kirk Windstein en zijn kornuiten ogen nog wat knorrig bij aanvang. Kom op jongens, niet mekkeren maar spelen! Het duurt wel een paar nummers voordat de band werkelijk op stoom komt, maar in pakweg de tweede helft van de set ontstaan er wel wat riffs die passen bij een sub-classic als Crowbar.

Crowbar heeft de naam een mix te spelen van sludge, hardcore, stoner en rock, en dat klopt vanavond ook wel. Maar het is niet echt een aanbeveling. Zeker in de eerste helft blijft Crowbar vaak wat hangen in een mix van stijlen. Je zou ook kunnen zeggen: de composities zijn eigenlijk niet zo goed. Soms komt men daar mee weg (er staat al jaren een mislukte compositie op 1 in de top 2000 per slot van rekening), maar bij Crowbar hoor je telkens ook weer nummers waar het allemaal wél op zijn plek valt, met straffe riffs, overtuigende grunt of knetterend gitaarwerk. Daardoor vallen de rommelige nummers wel extra op.

In de loop van de set komt Windstein er ook wat beter in. Aanvankelijk moet hij het hebben van opjutterij als “Are you with us dBs? Can’t hear you”, maar later komen er mooie maar volslagen onverstaanbare monologen over New Orleans, die nog het meest doen denken aan de vroege Tom Waits dronken in de kroeg.

Crowbar is een mooie band om hier in dBs te zien. Je hoort aan alles de classics, de ervaring en de kunde, maar tegelijk hoor je ook dat de band op alle genres waar ze opereert al lang en breed is ingehaald door veel betere acts. Zoals het voorprogramma Earth Ship. Maar menig festival kan nog jaren worden opgeleukt met een uurtje Crowbar.

Het zal niemand zijn ontgaan dat ’s lands belangrijkste poppodium Paradiso dit jaar 50 is geworden. Een halve eeuw subcultuur maar liefst, en dat wordt al maanden gevierd. En terecht, want geen plek in Nederland (en ver daarbuiten) doet het predikaat poptempel meer eer aan. Dan worden er natuurlijk lijstjes gemaakt, met hoogtepunten als Nirvana, Pink Floyd, Velvet Underground, Dead Kennedys en de aftershows van Prince. Paradiso heeft veel meegemaakt. Ik zal zelf niet licht de concerten van The Cramps, Carter the Unstoppable Sex Machine, Godspeed You Black Emperor, en vooral Wovenhand vergeten.  En nog vele meer. Soms genadeloos goed, soms ook adembenemend slecht. Geen zaal in Nederland waar zoveel door de bands heen wordt geluld, maar ook geen zaal waar een band op dreef tot zulke hoogtes kan stijgen.

The Ex doet natuurlijk ook een duit in het zakje, met een eigen gecureerd festival, vol van eclectische gekkigheid zoals alleen The Ex dat kan. Zelf vieren ze dat het onlangs verschenen album 27 Passports vrij unaniem wordt geprezen tot het beste van dit jaar en het beste uit de eigen discografie. Goede reden om deze zondag het een en ander hiervan mee te pikken.

Ik kom binnen bij het Kaja Draksler Octet, een jazzorkest dat de grenzen tussen modernistisch klassiek, geïmproviseerde jazz en popmuziek verkent. Dit is geen combo van concessies. Het eerste nummer is een interpretatie van de poëzie van de Amerikaanse dichter Robert Frost (‘the road not taken’). Muzikaal doet het me (omdat mijn brein niet breder reikt) bij vlagen denken aan het begin van Words to the Blind, maar dan zonder de bevrijdende noise en in klassieke versie, met viool, esoterische zang, en hé, is dat niet Ab Baars op de klarinet! Het tweede nummer verwelkomt de prachtige Ethiopische zangeres Zewditu Yohannes, die met een verstild nummer binnen een halve minuut de lomperiken achter bij de bar tot zwijgen heeft gebracht. Heel mooi dit, van een bijzonder fascinerend internationaal collectief.

20180930_204557.jpg

Zangeres Zewditu Yohannes zien we kort daarna weer terug in een Ethiopische gelegenheidsband, met verder nog Endris Hassen uit de band van het al eerder aan The Ex gelieerde Fendika op het instrument dat masenqo heet, en Misale Legesse op een ogenschijnlijk zelfgeknutseld drumstel. De masenqo is een éénsnarig (!) instrument dat enigszins doet denken aan een luit en dat in handen van Hassen een fenomenale ritmemachine wordt. Percussionist Legesse zweept de zaak nog eens dubbel op, maar ook nu weer is Zewditu de blikvanger, met onvermoeibare dans, net zolang tot de zaal niet langer meer kan stilstaan en zich vol overgave in de Ethiopische groove stort.

20180930_213959.jpg

Voordat de irritante (maar ergens ook wel fascinerende) dichter Tijdelijke Toon het podium beklimt voor de volgende contraire aankondiging verkennen wij liever de kelder, waar Howrah staat aangekondigd. Ik sta achterin en zie er dus weinig van, maar het klinkt als een soort lo-fi rock, dat wel wat doet denken aan Lewsberg. Dat klinkt dus heel prettig, een naam om te onthouden en later nog eens aandachtiger te bekijken.

We pikken nog even de gelegenheid mee om good old Han Bennink aan het werk te zien in de bovenzaal, ditmaal in samenwerking met saxofonist Kristoffer Alberts. Han Bennink, lieve kinderen, is inmiddels al 80 (tachtig), hij vierde dat vorig jaar op Le Guess Who met weet-ik-hoeveel optredens en hij drumt nog steeds als een niet te stuiten jonge god van 23. Bennink wordt aanvankelijk wat overspeeld door Alberts, qua volume, maar zet lekker een tandje bij voor wat meer balans en een mooie stukje improvisatiewerk.

We moeten het helaas afkappen, want dan begint beneden toch echt The Ex en daar kom ik voor, ook al zie ik deze set al voor de zesde keer. Dat betekent ook dat ik kleine verschillen hoor, of beter gezegd, een evolutie in nummers als This car is my guest, waarin Arnold wat melodieuze zijwegen lijkt te verkennen. Dat gebeurt dan natuurlijk op een fundament van gewapend beton: de ijzeren gitaarritmes van Andy, de ziedende noise van Terrie en de complexe drumpercussie van Kat. In deze vorm staat er geen maat op The Ex. Op gegeven moment trekt Terrie een snaar van zijn gitaar, natuurlijk niet voor het eerst, en binnen een halve minuut weet hij deze al doorspelend te vervangen. Verbluffend momentje. De band gaat (grotendeels) al 39 jaar mee, maar het is mooi om te zien dat ze nog steeds weer nieuw publiek weet te trekken. Niks geen nostalgie, maar grensverleggende ritmes en teksten die de tijdgeest op de hielen trappen.

20180930_224646.jpg

Het is een beetje jammer maar ook wel weer typisch The Ex dat ze op het eigen festival niet al te veel tijd afsnoept van de gasten die ook nog het podium op moeten, en na pakweg drie kwartier zit het er al weer op. Maar ook in korte tijd is een concert van The Ex een ervaring om te koesteren. Dat neem ik dan gelukzalig mee naar huis, want hiermee zit voor mij deze zondag er wel weer op, vol oude bekenden en fijne verrassingen.

 

Darth Faber zit nog even in de pauzestand vanwege drukke andere bezigheden, maar zoveel moois als wat Hallo Venray vanavond wederom brengt mag toch niet onbesproken blijven. Zeker niet als Anne-Marie van Rijn er prachtige foto’s bij levert!

Het is een toertje tussendoor, zonder specifieke aanleiding of zonder nieuw album, maar wel met goede reden, want vorig jaar verliep de samenwerking met Nouveau Vélo naar tevredenheid, dus waarom niet nog een keer? Bovendien speelde Hallo Venray hier in dBs eerder al eens een absolute vijfsterrenshow. Reden genoeg om het dak er weer eens af te blazen, al blijft het raar dat zo’n toch tamelijk legendarisch affiche de tent voor maar hooguit driekwart uitverkoopt.

Nouveau Vélo trapt af. Normaal zijn ze met zijn vieren, meen ik, maar vandaag is de setting minimaal, met retestrakke drum-motorik die niet veel meer is dan tom en snare, een melodieus galmende gitaar, en een bas die alles bij elkaar lijmt. De nummers van het fijne album Reflections zijn in deze driemansformatie mooi tot de kern zijn teruggebracht. Wat anderszins klinkt als een soort slowcore, is nu een haast bezwerende psychrock geworden. Heel erg lekker.

 

Hallo Venray brengt ons vanavond een staalkaart van het beste werk uit de grote catalogus van bijna drie decennia. “Slow Change is onze enige hit,” vertelt Henk. “Vroeger speelden we het omdat het moest, nu omdat het kan.” Zo ontspannen zit Hallo Venray er tegenwoordig dus in, spelend omdat het leuk is, leunend op speelplezier en bakken vol ervaring. Dan maakt het niet zoveel uit dat het af en toe wat onnauwkeurig is (mogelijk toch de tol van de whisky vooraf) of dat de galm wel wat minder had gekund.

2018-09-29 Hallo Venray-dB's Anne-Marie van Rijn 084Want wie maalt daar om na het intens prachtige Tuck the man, een van de mooiste nummers die ooit aan vaderlandse bodem ontsproot. Verdorie, weet Henk wel dat wij allemaal zelf verliefd waren als Tuck? Ziet Henk wel de tranen vol herinneringen aan onbeantwoorde liefdes? Voelt Henk wel hoe hier in de zaal de schatkamers vol nostalgie open gaan?

Het is een vroeg hoogtepunt in een gevarieerde set, waarin lustig met juweeltjes gestrooid wordt. Hallo Venray schakelt van ingetogen emotie naar lange instrumentale heftigheid en weer terug. Heel het spectrum van de moderne rock komt langs. Ik schreef het al eerder en ik blijf er bij: Hallo Venray is een band om voor altijd verliefd op te zijn.

2018-09-29 Hallo Venray-dB's Anne-Marie van Rijn 0812018-09-29 Hallo Venray-dB's Anne-Marie van Rijn 0532018-09-29 Hallo Venray-dB's Anne-Marie van Rijn 025

Alle foto’s (c) Anne-Marie van Rijn

rockconcert
Darth Faber is door allerhande drukte de laatste en ook de komende maanden wat minder actief, maar het blijft wel van belang om goede geheimen te ontsluiten en mooie dingen te delen. Daarom bij deze weer eens een overzichtje van mooie dingen in Utrecht, de komende tijd.

Selda  – 25 sept in TV.
Even opfrissen: Selda speelde tijdens LGW2014 de sterren van de hemel, de pannen van het dak en de tranen in de ogen. Dit was zo’n uiterst zeldzame avond waar alles samenkwam, of zoals ze zelf zegt: I had many many gigs in Europe before, and I don’t know why but about the performance at Le Guess Who? I felt different and happier than before.” Dat is een understatement van jewelste. Darth Faber heeft al veel gezien, maar zelden zo indrukwekkend als Selda. Zonder overdrijven een van de beste concerten ooit, zie . En binnenkort is ze dus terug, nog wel tijdens het sowieso al niet misselijke Internationale Literatuur Festival Utrecht. Wie niet gaat is een dief van zijn eigen culturele vorming. Kaartjes etc vind je hier: https://www.tivolivredenburg.nl/agenda/selda-bagcan-boom-pam-25-09-2018/

Hallo Venray  – 29 sept in dBs.
Was een ijdje vergeten, maar inmiddels weer full on en live echt heel, heel erg goed. Mag je niet missen in een zaal als dBs. Voorprogramma Nouveau Vélo mag er ook zijn. In deze zelfde combi was het vorig jaar al erg goed in Ekko, maar nog een jaar eerder, in dBs, was het hemels. Echt een avond om niet te missen. Voor info zie https://web.dbstudio.nl/event/hallo-venray/?instance_id=417

Een heel belangrijke uitzondering op het Utrechtse programma wil ik je ook nog wel meegeven: op 30 sept is het Ex festival, in het kader van 50 jaar Paradiso en 39 jaar The Ex, maar voordat iemand hier denkt in termen van retro of nostalgie: niks daarvan!! The Ex is nog steeds in de voorhoede van de meest urgente, meest dwingende en absoluut allerbeste bands die je kunt zien. Zeer vereerd dat ik ze op mijn eigen festival had, zie hier, maar daarna is de laatste plaat uitgekomen, misschien wel de beste in al die jaren. Ook live wordt het alleen maar beter, zie hier en hier. Tussendoor speelden ze Ekko ook al eens naar de vaantjes. En alsof dat nog niet genoeg reden is: het Ex festival ontvangt nog 20 (twintig!) andere bands. Vrienden van de band, die kelder, bovenzaal en hoofdpodium van Paradiso zullen vullen. Voor info, programma en tickets zie https://www.paradiso.nl/en/program/the-ex-festival-50-jaar-paradiso/46149/. Zondagavond tot diep in de nacht, hè. Iemand nog een place to stay daar in Amsterdam?

Als je van slepende trage sludgemetal houdt dan moet je naar Eagle Twin, 4 okt in dBs. Zwaar, maar met melodie, en inmiddels wel een grote band in wording. Zit niet voor niks bij Southern Lord label, de standaard op dit gebied. Zie https://web.dbstudio.nl/event/eagle-twin-usa-southern-lord-sons-node/?instance_id=439

Voor wie van postrock/metal houdt: op 3 okt in De Helling Alcest (uit Frankrijk( en op 7 okt Mono (uit Japan). Beide heel erg goed en helemaal of grotendeels instrumentaal, tegen de atmosferische ambient aan. Muziek om je mee op reis te nemen. Alcest heb ik niet eerder gezien, maar Mono wel, zie .
Voor Alcest zie https://www.dehelling.nl/agenda/19238/alcest-performing-kodama
Voor Mono zie https://www.dehelling.nl/agenda/19235/mono

Die Nerven – 18 okt, Ekko
Pittige Duitse noise, dus Achtung. Postpunk, nihilisme, en dan nog behoorlijk bij de tijd ook. Intensiteit is een understatement. Info zie https://ekko.nl/productie/die-nerven.

Nordmann – 20 okt, Ekko
Nordmann ken ik niet zo, maar alles aan deze band maakt nieuwsgierig: Gent, jazzrock, tussen soundscapes en noise. En luister maar eens: bijzonder goed, zo hoorde ik eerder trouwens ook al van betrouwbare bron over hun concert dit voorjaar op Tweetakt. Ontdekken? zie https://ekko.nl/productie/nordmann. (overigens is tegelijkertijd Amenra ergens in Leiden, dus hier botsen nog wel wat preferenties).

Broeder Dieleman – 25 okt, Ekko
Wat moet Darth Faber nog zeggen over Broeder Dieleman?! Zeeuwse troubadour, verhalen in folk met wat elektro erdoor. Niet alleen bijzonder goed, maar vooral ontwapenend sympathiek. Lees maar hier, en hier, en hier, en vooral hier. En dat is nog niet alles, want sinds deze week is de nieuwe plaat Komma uit, een nieuw meesterwerkje, voorbouwend op Uut de Bron, geïnspireerd door de Zeeuws-vlaamse kreken, en een ode aan lokaal pastoraal kunstenaar Omer Giellet. Kortom: zorg maar dat je er bij bent. Zie https://ekko.nl/productie/broeder-dieleman-4

Acid Mothers Temple – 1 nov, dBs
Ja ja ja, the spaceship uit Japan!! AMT is space, doom, krautrock en psychedelisch tegelijk, altijd anders, en vooral altijd reuzestrak en bizar goed. Ze komen elk jaar op hun favoriete podium. Voor de fijnproever, en dat is eigenlijk raar, want echt altijd legendarisch goed. Zie bijv. deze: https://darthfaber.wordpress.com/2016/10/30/acid-mothers-temple/. Je bent wel gewaarschuwd: iedereen die Acid Mothers Temple ooit heeft gezien gaat daarna altijd weer. Info en kaartjes: https://web.dbstudio.nl/event/acid-mothers-temple-jp/?instance_id=423

En o ja, op 11 okt is de Popronde, overal in Utrecht. Kan je mooie dingen ontdekken, zie https://www.popronde.nl/steden/utrecht.

So far voor nu. Ben vast veel vergeten, maar laat je niet beperken en zoek vooral verder. En geef goede tips ook door, hieronder kun je reageren.

Beste mensen, even een korte dienstmededeling. Darth Faber zit even in een enorm drukke periode (waarover t.z.t. meer). Dat betekent dat in de komende tijd even geen stukjes verschijnen. Dit wil niet zeggen dat ik concerten oversla. Afgelopen week The Ex en Sleep, komende tijd Kamasi Washington, Pere Ubu en Messer Chups. We zien elkaar, maar voorlopig vooral als bezoekers onder elkaar. Tot gauw!

DF

Sinds een jaar of twee ben ik behoorlijk gegrepen door Wrekmeister Harmonies. Op het snijvlak van folk, postrock en metal is het katharsis voor de vuile ziel en schoonheid voor de geest. De band heeft het eerder aangedurfd om Is dit een mens van Primo Levi in muziek te vangen, en nu brengen ze met The Alone Rush een album vol duistere berusting. Dit is nergens vrolijk, maar als ze dan tweemaal komen spelen, in mijn woonstad en mijn werkstad, weet ik wel waar ik moet zijn!

20180516_212151Op woensdag speelt Wrekmeister Harmonies in Het Paard in Den Haag, op donderdag als onderdeel van Doomstad #4 in Ekko in Utrecht. Ekko is volle bak, wellicht ook vanwege het navolgende Wiegedood, in het Paard moeten we het doen met een man of zestig. De sets zijn vergelijkbaar, maar in de setting van Utrecht iets korter. Je kunt ook zeggen: de set in Den Haag is nogal kort. Maar bij Wrekmeister Harmonies is dat de essentie niet. Want die zit in de enorme intensiteit van wat we voorgeschoteld krijgen, muziek die je totaal moet beleven en ondergaan. Ik weet dus mijn plekje vlak voor het podium.

Op de jongste plaat zingt JR Robinson meer dan op alle voorgaande platen bij elkaar, met een timbre dat het midden houdt tussen Andrew Eldritch en Michael Gira. Bij de eerste luisterbeurten bekroop me daarom nogal een old school gothic gevoel, maar met de tijd opent de plaat zich steeds meer. Violiste en multi-instrumentaliste Esther Shaw is het tweede lid van de band. Zij weeft prachtige melodieën door de ijzige duisternis. Deze week is ook drummer Murph mee op tour. Hij vervangt Thor Harris (Swans) en doet dat bijzonder vaardig, want hij geeft live precies die laag die op plaat soms ontbreekt. Zover ik kan overzien volgt het concert (in elk geval de eerste avond) de opbouw van The Alone Rush. En dan ontvouwt het zich in volle schoonheid.

20180516_212438Wrekmeister Harmonies geeft tweemaal een intens mooie set. Met A 300 year old slit throat begint het rustig, op plaat is dat wat langdradig, maar live is het een essentieel nummer om ons het universum in te trekken. Descent into blindness geeft vol ruimte aan het mooie vioolspel van Shaw, om met ogen dicht te luisteren. Hier maakt het wel uit of je tussen het gerichte publiek van het Paard staat of tussen de gasten van Doomstad. Het nummer explodeert in prachtige dramatiek.

De band staat er om bekend de afzonderlijke nummers door te trekken tot één lange set. Dat is nu niet en Robinson neemt tussendoor met opgeheven armen en roepend het applaus in ontvangst, alsof het concert voor hemzelf ook een reiniging van de ziel is. Robinson neemt gelegenheid voor een aankondiging van Forgive yourself and let go: het begint rustig, wordt dan ‘rather noisy’, en eindigt ‘terrifying’, want vergeving is niet pijnloos. En die route neemt Wrekmeister Harmonies, in een kwartier lange catharsis, niet alleen voor ons, maar schijnbaar ook voor Robinson zelf,  die stampt op het podium, zijn gitaar mishandelt, hij schreeuwt het uit, hij tiert en schmiert. Allemachtig, wat een vagevuur. The Alone Rush rondt het optreden in grote intensiteit af. Echt prachtig om de bewondering van drummer Murph te zien voor het wonderschone vioolspel van Shaw.

20180516_212424

Twee keer Wrekmeister Harmonies, is dat niet teveel van het goede? Welnee, hier zit geen enkele limiet op. De eerste avond in Het Paard springt er uit, met publiek dat speciaal hiervoor komt en uitstekend geluid. De tweede avond is lastiger, vooral door het werkelijk abominabel slechte geluid in Ekko. Vooraan is de mix een totale brij, die doordreunt alsof ik in een klankkast sta. Dat is vooral bij het eerste nummer het geval; juist als de meest subtiele mix nodig is verzuipt het in een brij van bas en reverb. Ik vraag me zelfs even af of de band niet zo het podium af zal stappen. Gelukkig wordt het gaandeweg het gaandeweg iets beter (maar zeker niet goed) en speelt de band ook in Utrecht verpletterend goed. Deze avond moeten toch vele zieltjes zijn gewonnen.

Als ik na afloop Robinson bedank voor twee geweldige avonden krijg ik een heerlijk vieze knuffel terug. De melancholie zit diep bij de band, maar het kan de warmte gelukkig niet verdringen.